Mentale begeleiding jeugdteams

Als trainer ben je bezig met het aanleren van technische en tactische vaardigheden. Je leert ze de juiste techniek, op het juiste moment uit te voeren. Je leert ze na te denken over de juiste strategie om je tegenstander te verslaan. Soms gaat dit om niet altijd heldere redenen verkeerd.
“Er kon op weg hiernaar toe, geen lachje van af,” hoorde ik laatst een trainer zeggen.
Als trainer kom je vast ook kinderen tegen die overal tegenop zien. Je kent ook wel dat talent dat eigenlijk overal laconiek over doet, of spelers die altijd en overal last van hebben. Wat dacht je van kinderen die enorm veel moeite hebben met schreeuwende ouders langs de lijn?

Elke leeftijdsfase heeft zo zijn eigen kenmerken, aandachtspunten. Het is goed om hier in de begeleiding van de jeugdteams rekening mee te houden. Wellicht zou je ook in het technisch verenigingsbeleid ook aandacht moeten besteden aan de mentale begeleiding?

Mentale_krachttraining

Als wij het hebben over de FUNdamemtals, gaat het om de fase waar jongens: 6-9 jaar en meisjes: 6-8 jaar oud zijn. In deze fase leren de kinderen algemene bewegingsvaardigheden. Het plezier beleven aan de sport is het aller belangrijkste.
Je kan hier al wel simpele gedragsregels in de sport introduceren. Wij doen hier nog niet aan periodisering. Een duidelijke, herkenbare structuur tijdens de trainingen is wel belangrijk. Als wij het dan hebben over mentale begeleiding, dan is het belangrijkste dat je als trainer zorgt voor plezier in de training. Benadruk wat er goed gaat! Je kan in deze fase kinderen al wel leren zich te focussen, middels simpele opdrachten. Gebruik korte, gevarieerde, uitdagende oefeningen. Belangrijk is ook dat je vooral individueel gericht werkt; kinderen in deze fase zien teambelang nog niet goed. Hele tactische besprekingen, eisen dat ze altijd samenspelen is niet aan de orde. Wel kunnen kinderen sociale omgangsvormen aangeleerd worden, zoals rekening houden met anderen. Je kan kinderen nu ook leren doorzetten; niet meteen stoppen als het niet lukt, of het niet leuk (meer) is. Ook aan zoiets als trainingsdiscipline kan je al aandacht besteden; leer kinderen de opdrachten uit te voeren en te luisteren naar de trainer. Als trainer ben je vooral de gids. Jij stuurt de kinderen een richting op en helpt ze daarbij.

De fase Learning  to Train gaat over jongens in de leeftijd 9 tot 12 en meisjes in de leeftijd 8 tot 11 jaar. In deze fase wordt begonnen met het trainen van algemene sportvaardigheden. Basale sportvaardigheden moeten aangeleerd zijn. De handvatten voor mentale begeleiding bestaan er uit dat je als trainer beleving moet proberen te creëren. Leer kinderen plezier te beleven aan inspanning. De trainingsdiscipline, zoals in de vorige fase al benoemd komt ook hier terug. In het kader van het leren van sociale omgangsvormen wordt nu het leren samen te werken belangrijk. Leer ze elkaar te helpen en gezamenlijke een prestatie te leveren. In dit kader is het nu ook belangrijk dat kinderen elkaar leren accepteren. Leer ze dat iedereen anders is en dat de een beter in sport is en de ander beter in bijvoorbeeld muziek. Dat de een beter is in techniek en de ander een beter tactisch inzicht heeft of misschien wel harder kan werken. Kinderen moeten nu ook leren-leren. Leer ze dat fouten maken niet erg is, daar kun je juist van leren. Hiermee stimuleer je een groei mindset. Om te leren moet je fouten durven maken!  Bouw ook aan zelfvertrouwen. Werk als trainer met haalbare doelen. Coach op positief gedrag en leer kinderen zelf hun gestelde doelen te evalueren. Als trainer ben je in deze fase eigenlijk de leraar. Jij leert de kinderen waarde en normen aan en geeft instructie.

De fase Training to Train gaat over jongens in de leeftijd van 12 tot 16 jaar en meisjes in de leeftijd van 11 tot 15 jaar. In deze fase worden sportspecifieke vaardigheden aangeleerd. Bij de fysieke training wordt de nadruk op uithoudingsvermogen en kracht gelegd. Houdt de fysieke belasting in deze fase wel goed in de gaten; deze sporters zijn in de groei. In deze fase wordt en start gemaakt met het ontwikkelen van mentale voorbereiding. De mentale begeleiding bestaat er onder andere uit dat je kinderen leert doelen te stellen, keuzes te maken en prioriteiten te stellen. Leer ze ook om te plannen, school en sport te combineren. Kortom, wat wil ik? Stimuleer in deze fase ook zelfreflectie. Help kinderen inzicht te ontwikkelen in hun eigen kwaliteiten en verbeterpunten. Wat kan ik en moet ik leren? Leer ze ook om te gaan met teleurstellingen en tegenslagen. In deze fase moet ook zelfdiscipline ontwikkelt worden. Leer kinderen hard te werken/trainen, inzet te tonen en afspraken na te komen. Een speler zou ook zelf een oefeningen moeten kunnen uitvoeren, terwijl de trainer even niet op hem let. Focus als trainer op het proces. Richt je op de uitvoering van gerichte doelen. Bevorder assertiviteit, communicatie, grenzen aangeven en initiatief nemen. Laat ze meedenken over wat er in de training gebeurd, hoe een wedstrijd verloopt. Leer basis mentale vaardigheden aan; bijvoorbeeld door middel van spanningscontrole- en visualisatie oefeningen. Als trainer ben jij in deze fase vooral de uitdager. Jij leert de kinderen hun grenzen te verleggen en hun eigen verantwoordelijkheid te ontwikkelen.

Hoewel veel trainers dit anders zullen zien, komt nu de fase Training to Compete.
In deze fase wordt er sportspecifieke getraind. Nu is er ook echt sprake van een sportspecifieke technische en tactische voorbereiding. De jeugd leert nu sportspecifieke technische vaardigheid en spelvaardigheid onder competitie omstandigheden, dus onder druk uit te voeren. In het verlengde hiervan zal ook de mentale voorbereiding geïntegreerd moeten worden in de training. De mentale begeleiding bestaat er uit dat jongeren geholpen moeten worden bij de ontwikkeling van de wedstrijdvoorbereiding; wat is je plan voor de wedstrijd? Leer ze de de trainingsdoelen te vertalen naar wedstrijddoelen. Leer jongeren ook verantwoordelijk te zijn voor hun eigen handelen en keuzes. Bevorder ook zelfstandigheid. Leer ze resultaatgericht te handelen. Leer ze hun het spel aan te passen aan de tegenstander en om te gaan met situaties die in de wedstrijd kunnen ontstaan. Jongeren moeten ook leren veranderingen te accepteren en daarop te anticiperen. Als trainer ga door met het bevorderen van assertiviteit, communicatie, het grenzen aangeven en het initiatief nemen. Leer jongeren om te gaan met spanning (spanningscontrole). Leer tot slot mentale vaardigheden aan; bijvoorbeeld doormiddel van concentratie en visualisatie technieken. Jouw rol als trainer is die van facilitator. Jij leert de jongeren zelfstandig te werken en hun verantwoordelijkheid te nemen.Als trainer-coach draag je zorg voor de randvoorwaarden en bewaakt deze.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s