Ouders graag gezien

Enkele dagen geleden las ik op Twitter een tweet van het account ‘Sportief Besturen’:

Voor veel bestuurders herkenbaar, wel of geen verplichte bardiensten voor ouders? Hoe ’t kan werken lees je op:

http://www.tvsportplezier.nl/vereniging/doen-laten-verplichte-bardiensten/

De voorzitter van basketbalvereniging Locomotief uit Rijswijk doet in het artikel, met de subkop “Andere tijd, andere aanpak” zijn verhaal over de positieve kanten van het verplicht stellen van de bardienst. Noem mij een geitenwollensokken type, maar bij het lezen van het woord verplicht krijg ik jeuk. Ik heb niets tegen het idee dat ouders taken doen voor de vereniging. Ik wil óók af van het idee dat ouders alleen maar hun kinderen komen droppen bij de vereniging, waardoor de club een soort veredelde peuterspeelzaal wordt. Ik heb echter moeite met het generaliseren. Ik ben opgevoed met het idee dat apartheid bestaat, dat niemand gelijk is, dat ieder mens uniek is, met zijn of haar eigen kwaliteiten. Er zijn dus mensen die die bardienst helemaal niks vinden, het ook niet fijn vinden om te doen!

563_bardienst_386x386

Ik was elf jaar oud toen ik met volleybal begon. Ik was zestien toen ik, na het volgen van een interne trainerscursus, mijn eerste team mocht begeleiden. Twee jaar later trainde ik mijn eerste team. Inmiddels zijn we 37 jaar verder en heb ik verschillende vrijwilligerstaken vervuld, op verenigingsniveau, regionaal niveau en landelijk niveau, zowel binnen het volleybal, als ook, zei het sinds kort, ook binnen het voetbal. Ik ben actief geweest als trainer-coach, als lid van verschillende clubblad redacties, technische commissies, ben lid geweest van regionale werkgroepen van de Nederlandse Volleybal Bond, ben een aantal jaren lid geweest van een landelijk werkgroep van diezelfde sportbond. Ik ben ook redacteur geweest van een magazine voor de Nederlandse en Belgische Volleybaltrainer en ben ook docent bij trainerscursussen geweest. Sinds kort ben ik actief binnen het voetbal, weer eens als lid van de redactie van het clubblad, lid van de werkgroep Sportiviteit en Respect en als leider van het elftal van mijn jongste zoon.

Toen wij hem aanmeldde bij de huidige vereniging kregen mijn zoon en ik een intakegesprek. De algemeen coördinator van de club deed dat met elk nieuw lid. Mij werd duidelijk gemaakt dat de club van mening was dat wij met z’n allen de club vormde en dat verwacht werd dat ik wat voor de club zou gaan doen. Ik mocht kiezen!
Ook van mijn zoon werd verwacht dat hij niet alleen was gekomen om op een goed niveau te voetballen, maar ook dat hij daar wat voor deed. Hij is inmiddels keeperstrainer en fluit wedstrijden van de pupillenteams. Nu wil ik niet zeggen dat het allemaal perfect verloopt en dat de club geen problemen heeft om taken ingevuld te krijgen. Zeker, dit komt voor.

In die 37 jaar dat ik in het volleybal rond loop, heb ik in de keuken mogen kijken van verschillende volleybalverenigingen. Sommige verenigingen hadden het vrijwilligersbeleid  goed voor elkaar, andere verenigingen duidelijk minder. Ik weet niet of zij het nu nog hebben maar Sudosa Assen had jaren geleden al een uitgebreide activiteitenkalender. Over het gehele seizoen hadden zij beschreven welke activiteiten zij zouden gaan organiseren en welke taken daar bij hoorde.Ook kregen ouders aan het begin van een seizoen een lijst waarop activiteiten stonden, soms ook met data er bij, waarop zij konden intekenen. Wat je invulde deed er nog niet eens toe, wel werd verwacht dát je wat invulde. Binnen een andere volleybalvereniging, dichter bij huis, had men speciaal iemand aangesteld om ouderbeleid vorm te geven. Deze man ging aan de slag met het in kaart brengen van kennis en werkervaring onder de ouders van jeugdleden. Zo had de clubblad redactie plots een publieksvoorlichter in haar geledingen. In de jeugdcommissie ook mensen uit, laten we zeggen, het werkveld. Zelfs de bardienst werd gerund door mensen die hier echt ervaring mee hadden.

Sinds twee jaar ben ik leider van een voetbalelftal. Ik organiseer allerlei zaken rondom het team, waarvan de club vind dat het niet direct tot het takenpakket van de trainer behoort. Over deze functie kan je, vind ik, nog wel discussiëren. Ik houd mij bezig met het regelen van het vervoer, de grensrechters en het wassen van de wedstrijdkleding en sinds kort ook de bardienst. Ook regel ik dat de spelers uit ons team de wedstrijdjes fluiten van de pupillenteams die aan onze zorg zijn toevertrouwd. Nu is het vervoer vaak niet het probleem, maar het regelen van grensrechters soms wel. Niet iedereen vindt dat een fijne taak en vind ook van zich zelf dat hij het ook goed kan. Ik kom zelf niet uit het voetbal en ben een van die vaders die er echt niet aan moet denken om te vlaggen. Ik heb het één keer gedaan. Na afloop van die wedstrijd kreeg ik van de spelers te horen dat ik dit inderdaad maar niet meer moest doen. Ook de bardienst is niets voor mij. Ik ben een van de nerds die vroeger veel in de sporthal was, veel trainde, volleybalde, maar daarna gewoon naar huis ging. Die zesde set of derde helft was niet aan mij besteed. Ik was en ben geen kroegtype. Serieus, ze bestaan! Waarom zou ik, nu 37 jaar later plots wel aan de andere kant van die bar gaan staan? Ieder mens heeft zijn of haar kwaliteiten en ik ben er dan ook van overtuigd dat het vrijwilligersprobleem niet geholpen wordt met het verplicht stellen van een bardienst of van het vlaggen van een wedstrijd.

Als verenigingen nu eens beginnen met in kaart te brengen wat leden, ouders van leden, doen, wat voor kennis en ervaring brengen zij mee, wat voor interesses hebben zij. Breng dáárna al je activiteiten, taken in kaart in een kalender. Zorg ook dat je draaiboeken hebt voor al je activiteiten, zodat taken over genomen kunnen worden als mensen uitvallen. Zorg dat je voor al je taken functiebeschrijvingen hebt, zodat mensen ook echt weten wat er van hen wordt verwacht. Zorg er voor dat nieuwe kaderleden goed ingewerkt worden, niet in het diepe gegooid worden. Kortom, ga actief de boer op en niet vanuit het idee dat het nu eenmaal moet gebeuren en dat het dan maar verplicht moet worden, maar vanuit een oprechte belangstelling voor je leden en de ouders achter die leden. Als je dat gaat doen, dan zal je zien dat er meer binding ontstaat met de club en dat je soms zelfs vrijwilligers een afwijzing moet geven omdat je er al genoeg heb voor een bepaalde activieteit.

Ouders, graag gezien!

ouders-graag-gezien

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s