Behoeftebevrediging

“Ik ga even boodschappen doen. Ik ben zo terug. In de kast staat koektrommel, maar die koekjes zijn voor vanavond. Daar mag je niet aankomen!! Ik weet hoeveel koekjes er in de trommel zitten!”

Een bekende dialoog, wellicht. Negen van de tien keer dat er koekjes gegeten zijn als je terug bent. Er is niets zo leuk, dan iets doen wat je eigenlijk niet mag. Ik gebruikte nog wel eens een trucje.

“Als ik terug kom, drinken we een kopje thee en dan krijg jij een koekje en misschien wel twee, maar dan moet je er, als ik even naar de winkel ben, niet aan komen.”

De truc van de uitgestelde beloning. Vertrouwen, zicht op de lange termijn en zelfdiscipline zijn belangrijke componenten, van wat men ook wel de emotionele intelligentie noemt. Als ik echter regelmatig een koekje beloof, maar deze daarna niet geeft, of als ik altijd een koekje beloof als mijn kind van de koektrommel afblijft als ik er even niet ben, dan heeft dit trucje een beperkte houdbaarheid.

Overigens is geen enkel mens in staat om zich op een gezonde en gemotiveerde wijze in te spanne als hij in het ongewisse blijft over het waarom, waartoe en waarheen en bovendien in een voortdurende actieve staat van bedreiging moet verkeren,”  aldus Susanne Piët, in het boek Emotiemanagement.

De psycholoog Daniel Coleman zette het onderwerp, Emotionele Intelligentie (EQ), op de kaart. Volgens hem is EQ gebaseerd op 5 fundamenten:

  1. Zelfkennis: Het (her)kennen van de eigen emoties
  2. Zelfmanagement: Het managen van je eigen emoties
  3. Motivatie: Het gebruiken van je eigen emoties ten dienste van een doel
  4. Empathie: Het herkennen van emoties bij anderen
  5. Sociale Vaardigheden: Het managen van emoties bij anderen.

Langs de lijn van willekeurig welk sportveld kom je ze nog wel eens tegen. Coaches die achter uit de strot gaan tegen spelers. Op het veld kom je ze ook tegen, bosjes vlooien, direct commentaar op de scheidsrechter, ruzie met de tegenstander. Emotie hoort bij sport, maar het is goed om daar, als het even lukt wat om te sturen.

Emotie kan ook zeker bewust worden ingezet. Het kan helpen om boos op iemand te zijn, omdat je weet dat dit iemand aan het denken zet. Hierbij is het wel fijn als je dan ook de emotie die dit bij de ander oproept kan herkennen en daar dan ook op weet te acteren. Ik ben ooit een trainer van een regioselectie tegengekomen die tegen al zijn spelers achter uit de strot ging. De jongens deden niet wat hij wilde, de oefening liep niet, ze liepen in zijn ogen de kantjes er vanaf en de technische uitvoering liet te wensen over. Op mijn vraag of zijn aanpak ook voor alle spelers het gewenste resultaat had antwoordde hij dat hij geen rekening kon houden met de individuele gevoelens. Dat het met de training niet veel beter ging is bijna een open deur.

In de sport zijn wij van het snel klaarkomen. De behoefte moet bevredigd worden en wel snel. Het gaat om winnen van wedstrijden, liefst elke wedstrijd en als dat niet lukt, toch in ieder geval de volgende. Ontwikkeling wordt ook gezien als winnen van je tegenstander, in plaats van zelf beter worden dan dat je gisteren was. De trainer die zijn of haar behoefte kan uitstellen tot ruim na het lopende seizoen moet nog geboren worden. Als wij onze behoefte niet op de korte termijn kunnen bevredigen gaat de emotie spelen. Dan worden wij boos, zijn wij zwaar teleurgesteld, wijzen wij naar anderen, de tegenstander, de scheidsrechter, het veld, de zaal. Emotie die niet direct gemanaged wordt, die wij niet echt onder controle hebben. Wij schieten er niet veel mee op, alleen misschien dat wij het kwijt zijn.

Mensen die succesvol zijn in onze samenleving zijn over het algemeen mensen die juist hun behoefte uit kunnen stellen. Mensen die met geduld naar een doel kunnen werken. Mensen met een blik tot voorbij de horizon. Mensen die positief denken over de toekomst. Deze mensen zijn empathisch, kunnen goed luisteren en staan open voor feedback. Zij begrijpen goed wat de ander bezig houdt en zijn hierdoor in staat om beter samen te werken. Tot slot zijn zij juist omdat zij werken vanuit die lange termijn, juist omdat zij positief denken, empathisch zijn, open staan voor feedback en goed kunnen samenwerken, erg stressbestendig. Zij zijn niet snel nerveus en kunnen goed omgaan met tegenslagen.

Nu kan ik in een seizoen alle wedstrijden winnen. Ik kan met afstand kampioen worden, puur en alleen omdat al mijn tegenstanders dramatisch slecht zijn. Ik kan ook alle, of vrijwel alle wedstrijden verliezen. Ik kan rechtstreeks degraderen, dan wel via de nacompetitie eruit vliegen. Gewoon omdat mijn tegenstanders beter zijn. Je kunt dus kampioen worden en niet beter geworden zijn. Je kunt ook enorm veel beter geworden zijn en toch alle wedstrijden verliezen. Mateloos frustrerend? Voor mensen die hun behoefte kunnen uitstellen. Mensen die een dergelijk ervaring in perspectief kunnen plaatsen is dit niet meer dan een fase in het proces.  Trainers die spelers belonen, maar hier wel selectief mee omgaan. Trainers die hun spelers leren dat winnen gaat over zelf beter worden. Als trainers in staat zijn om ondanks het verlies de progressie te zien, dan ga je stappen maken.  Top coaches zijn niet de coaches die altijd winnen, de echte topcoach is de coach die nooit verliest.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s