Vilhena

Supporter ben je niet voor even. Supporter zijn van een voetbalvereniging valt soms niet mee. Supporter ben je in voor en in tegenspoed. Als ik echter de reacties zie van supporters van ‘mijn club’ maar ook van een aantal oud spelers van ‘mijn club’ op een uiting van Tony Vilhena dan vraag ik mij af wat nu echt supporters zijn.

De Van Dale zegt over het woord supporter het volgende:
sup·por·ter (dem,vmeervoud: supportersiemand die een sportclub aanmoedigtaanhanger

Over het woord aanmoedigen zegt Van Dale:
aan·moe·di·gen (moedigde aan, heeft aangemoedigdde moed versterken om door te gaan.

Zouden al die supporters met hun commentaar op het gedrag van Vilhena hem nu helpen om door te gaan? Is dit commentaar op een speler nu het aanmoedigen van ‘jouw club’?

Nu is Tony Vilhena niet een amateur voetballer. Voetballen is zijn beroep. Hij is werknemer bij Feyenoord. Waarbij zijn trainer zijn direct leidinggevende zal zijn. Zijn trainer is dus degene die hem zou moeten aanspreken als deze trainer van mening is dat de uiting van Vilhena werkelijk niet door de beugel kan. Al die oud spelers, Van Hooijdonk voorop, zijn niet meer in dienst van Feyenoord. Zij zijn dan ook geen collega’s van hem. Je zou je namelijk kunnen voorstellen dat een directe collega Vilhena nog wel kan aanspreken op zijn gedrag. Bijvoorbeeld omdat dit te koste zou kunnen gaan van zijn eigen functioneren.

Terug even naar de supporters. Als supporter- zijn inhoud dat je dus ook iemand kan uitfluiten, op social media, laten we het netjes zeggen, onheus bejegend, dan gaat dat niet ongemerkt aan een speler voorbij. Dat krijgt hij mee. Dat is ook de bedoeling, zullen supporters zeggen. Hij moet maar eens gaan voetballen voor dat geld. Voor al die supporters; van al dat commentaar gaat hij niet beter voetballen.

De Duitse sportpsycholoog Eberspächer heeft onderzoek gedaan naar concentratie en afleiding en heeft de zogenaamde aandachtscirkels ontwikkeld. Deze cirkels zeggen iets over het denkgedrag van een speler. De cirkels van Ebenspächer zijn een goede manier om uit te leggen waar een speler zijn aandacht op kan richten voor, tijdens en na wedstrijden.

Even uitleggen, waar staan al die cirkels voor:

Cirkel 1 ‘ik en mijn taak’

In cirkel 1 is de speler alleen maar bezig met de taak die hij moet uitvoeren: ik moet die bal halen, ik moet goed schieten (let op: niet ik moet scoren! Scoren is een doel, geen taak).

Cirkel 2 ‘directe afleidingen’
In cirkel 2 wordt de speler afgeleid door geluiden, personen en gebeurtenissen op en rond het veld. Hoe fluit de scheidsrechter? Of het welbekende scorebord-en-klok-kijken-als-we-net-even-voorstaan-wat-ons-afleid-zodat-we-weer-gelijk-komen. Ben je dan afgeleid, dan kan het steeds erger worden. Soms zijn er ook andere aspecten, noem het live events die er voor zorgen dat je er met je gedachten niet bij bent.

Cirkel 3 ‘is-behoort te zijn vergelijking’

In cirkel 3 begint de speler te vergelijken hoe het op dat moment met hem gaat en hoe hij eigenlijk zou kunnen presteren. Hij vergelijkt zichzelf met het niveau op de trainingen of met eerdere wedstrijden. ’Waarom speel ik niet goed?’ Nou, omdat je er over na zit te denken, dus!

Cirkel 4 ‘slagen/falen’

In cirkel 4 denkt de speler aan winnen of verliezen. Het gaat niet lekker met het presteren en de speler begint zich zorgen te maken en begint aan de toekomst te denken. ‘.  ‘Als ik nu mis, dan verliezen we…’

Cirkel 5 ‘gevolgen slagen/falen’

In cirkel 5: is de speler nog verder weg van de taak. Hij houdt zich bezig met de gevolgen van winnen en verliezen. ‘.  ‘Als we verliezen, dan hebben we geen kampioensfeest…’

Cirkel 6 ‘Zinsvraag’
In cirkel 6: vraagt de speler zich serieus af wat hij daar aan het doen is. Op het moment dat iemand in cirkel 6 is gekomen, is het ook mogelijk om naar cirkel 1 te gaan en de wedstrijd naar behoren uit te spelen.

Resume
Een speler die fantastisch staat te spelen zit dus in cirkel 1. Hij is alleen bezig met zijn taak. In cirkel 2 spelen er afleidingen. Als sporter herken je dit vast ook zelf. Of het veld is bagger, de scheidsrechter deugt niet, de regen of hagel komt met bakken uit de hemel. Je moet voor de wedstrijd de kleedkamer delen met nog 5 andere teams. Noem het maar. Al dat soort zaken leiden af en maken dat je niet optimaal aan je wedstrijd begint of misschien wel helemaal geen goede wedstrijd speelt. Voor een coach is het enorm belangrijk dat hij er voor zorgdraagt dat een speler gefocust is en ook blijft en dat is niet eenvoudig. Supporters kunnen je dragen maar het kan ook een brok afleiding zijn. Een speler die niet lekker speelt, die beter kan maar waar het even niet lukt, zit niet in cirkel 1, niet in 2 maar begint al in cirkel 3. Het vergelijken met wat was of iemand van commentaar voorzien, leidt er al toe dat iemand nog minder met zijn taak bezig is en derhalve nog slechter speelt. Hiervan gaat iemand werkelijk niet beter voetballen. Vilhena had dus, hoe onbeholpen het er misschien ook uitzag, gewoon gelijk. Als de buitenwacht alleen maar commentaar heeft, dan moet je, om te kunnen focussen, jezelf daarvoor afsluiten.

Het zelfde geldt natuurlijk ook voor al die voetballertjes die op zaterdag of zondag ergens in ons land hun sport uitoefenen. Je kan als ouders van alles schreeuwen naar je zoon of dochter, maar echt ze gaan er niet beter van voetballen. Het leidt alleen maar af en daardoor gaat ze uiteindelijk veel slechter spelen en dat was nu net niet de bedoeling.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s