Spannend

Ik moet bekennen dat ik activiteiten nog wel eens spannend vind. Ik kan soms zeer tegen iets op zien. Zo heb ik zestien keer met een team in de eindronde van een NK gestaan, maar elke keer vond ik het spannend en dan behoefde ik nog niet eens zelf te spelen. Ik was gewoon de coach op de bank, die er voor moest zorgen dat mijn spelers een leuke dag hadden en weer een stapje verder kwamen in hun ontwikkeling. Ik hield mij zelf voor dat ik niet bezig was voor eigen succes. Ik wilde spelers opleiden voor het eerste team of als het even kon nog hoger. Waar maakte ik mij druk om?

Mijn rijexamen? Ik zag er als een berg tegenop. Het ging ook meerdere keren niet goed. Over rij ervaring geen gebrek. Het behoefde, in mijn ogen, ook maar een keer verkeerd gaan en ik kon de moed al opgeven.  Ook later, op mijn werk. Als ik een voorlichting moest verzorgen voor nieuwe medewerkers, dan wilde ik graag van te voren weten hoeveel mensen in de zaal zouden zitten. Op de dag zelf wilde ik, voor aanvang, toch even door het raampje, de zaal in kijken om te zien dat de hele zaal ook echt helemaal vol zat. Als ik echter eenmaal voor de groep stond, ging het prima. Dan was ik die makkelijke spreker die wel een verhaal over de bühne wist te brengen. Het viel uiteindelijk reuze mee en eerlijk gezegd was het gewoon leuk.

Ik zat wel eens af te vragen wat het ergste was dat wij zou kunnen overkomen, als ik weer eens iets spannend vond. Om daarna tot de conclusie te komen dat, dat nog wel mee zou vallen. Als ik dan eenmaal voor die zaal stond, of als die finaleronde eenmaal aan de gang was, dan viel het allemaal reuze mee. Op een of andere manier had ik die spanning nodig. Ik wilde goed voorbereid zijn. Ik wilde zeker weten dat ik alles in de vingers had, onder controle misschien ook wel. Je zou het perfectionistisch kunnen noemen.

Los laten

Ik moet zeggen dat mij die wens tot controle eigenlijk nooit geholpen heeft. Het hielp mij meer om het gewoon maar los te laten. Er waren toch dingen waar ik echt geen invloed op heb. Het klinkt wellicht paradoxaal maar mijn beste resultaten behaalde ik tijdens mijn schoolexamen. Mijn examenjaar verliep dramatisch. Met name de vreemde talen leverde een klein trauma op. Ik kon leren wat ik wilde, ik kon stampen, idioom, rijtjes naamvallen, vervoegingen van werkwoorden. Ik kreeg het er niet in. Of beter gezegd, tijdens de toetsen kwam het er niet uit. Ik kreeg het niet voor elkaar om dáár goede cijfers voor te behalen. Met respectievelijk een 3 voor Duits en een 4 voor Engels ging in het eindexamen in. Mijn docent Duits zag het helemaal zitten. Ik zou niet slagen, zo zei hij openlijk, mijn toch al gekrenkte zelfvertrouwen met de grond gelijkmakend. Eerlijk gezegd geloofde ik hem ook nog. Ik kon mij niet voorstellen dat ik zou slagen. Tijdens mijn examen heb ik geen lesboek meer aangeraakt. Het had geen zin. Ik had echt geleerd en dat leverde onvoldoende resultaat. Wat had het voor zin? Hoewel mijn ouders echt vonden dat ik er nog even hard aan moest trekken, zag ik dat niet zitten. Het was mooi weer, dus elke dag naar het strand. Voor mij geen stress, geen valeriaan of valium. Het had geen zin, volgend jaar nieuwe kansen. Uiteindelijk slaagde ik met vlag en wimpel, onder andere door een 10 voor Duits en een 10 voor Engels. Mijn leraar Duits heeft er nog langere tijd over gedaan om er achter te komen hoe dit nu toch goed kon gaan.

Hoe kon dit nu goed gaan?

Je zou denken, hoe groter de prestatie, hoe groter de drive, de inspanning om een goed resultaat te behalen. Je kan je ook voorstellen dat hoe hoger de angst, hoe lager de prestatie. Bij mijn rij examens zal dit het geval zijn geweest. Ik zag er zo tegen op dat het ook waarschijnlijk logisch was dat ik niet in een keer geslaagd ben. Wat ook meegespeeld zal hebben is dat ik mijn eerste examen, echt goed gereden had en toch niet slaagde. Terwijl iemand die tegelijkertijd met mij wegreed, op nog geen 100 meter van het CBR haar eerste ingreep had en achteraf, op dat schoonheidsfoutje na in het begin, prima gereden had. Ik zou te weinig in de spiegels hebben gekeken. Zo’n vaag argument wat direct invloed heeft op het vertrouwen dat ik had in een goede afloop.

Als ik kijk naar die presentaties, die NK finales, dan had ik kennelijk een zekere spanning nodig om tot goede prestaties te komen. Dit wordt ook wel de Yerkes-Dodson wet genoemd. Iedereen heeft dus enige spanning nodig om tot optimale prestaties te komen, maar bij te veel spanning zullen de prestaties ook afnemen. Tot zover is het mij duidelijk. Een beetje spanning is oké maar bij te veel spanning nemen de prestaties evenredig af.  Hoe zijn dan die enorm goede cijfers tijdens het eindexamen op de middelbare school te verklaren? Ik had het gehele jaar keihard geleerd en toch resulteerde dat niet in goede cijfers voor de vreemde talen. Op basis van de theorie van Yerkes-Dodson, de omgekeerde U curve, zou je verwachten dat ik niet van die hele mooie resultaten zou behalen. Hoewel de spanning voor het examen enorm hoog was. Mijn uitgangspositie was slecht. Ik had er voor geleerd en dat had niet het gewenste resultaat opgeleverd. Ik had besloten dat nog harder leren, nog harder stampen geen zin had. Hierin werd ik notabene bevestigd door de docenten. Je zou kunnen zeggen dat de spanning tijdens de examenperiode, laag was. Het had geen zin, dus waarom zou ik mij druk maken? Als een flow het opgaan in een activiteit betekent dan was er ook geen sprake van flow. Ik deed een verplicht nummer, deed mijn best, schreef op wat ik wist of kon beredeneren en dat was ‘t. Ik was met mijn gedachte meer bij het mooie weer, het strand. Wat deed ik dan wel? Ik liet los waar ik toch geen invloed op had. Ik had mij het hele jaar geleerd en uitgerekend bij die vreemde talen wilde hielp dat weinig. De feedback van mijn docent Duits deed ook al geen goed. Ik had geconcludeerd dat het ook ergens gewoon genoeg is. Soms heb je gedaan wat je kon doen en dan moet je het verder gewoon laten gebeuren. Ik heb geen invloed op die docent die het examen nakijkt. Ik heb geen invloed op de ruimte waar het examen wordt afgenomen. Natuurlijk vond ik het examen nog steeds spannend maar uiteindelijk leidde het loslaten van zaken waar ik geen invloed op had tot een goed resultaat. Ruim twee jaar geleden schreef ik al iets over  het werken aan zelfvertrouwen.


De wedstrijd win je in de hangmat

Langs de lijn van het voetbalveld, in de zaal, zie je ook spelers, coaches, die zich enorm druk maken over zaken waar zij geen invloed op hebben. Van die trainers die kort voor een nacompetitiewedstrijd nog even extra willen trainen omdat er nog puntjes op de i gezet moeten worden. Joop Zoetemelk zei ooit dat de Tour gewonnen wordt in bed, hierbij doelend op het belang van rust. Misschien worden wedstrijden ook wel gewonnen in een hangmat? Ontspannen, je niet druk maken om dat waar je toch geen invloed op hebt is ook belangrijk. Een beetje spanning is oké maar teveel spanning leidt toch tot mindere resultaten.

 

 

Wil je meer lezen?
Flow, van goed naar goud.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s