Pamela

Nadat ik midden jaren 80 een clinic zag van een Amerikaanse volleybaltrainer was ik verkocht. Als startende trainer had ik zoveel nieuwe dingen gehoord, nieuwe oefeningen gezien, dat ik hier meer over wilde weten. Alles wat ik zag, wat ik hoorde, was zo anders dan wat ik gewend was. Hoe ik getraind was, zo anders dan de coaches die ik gehad had. Geen saaie oefeningen, geen lange wachtrijen, oefeningen die in 2x knipperen met de ogen uitgelegd waren en ook de aanwijzingen, zó simpel, zó to the point. Ik wilde hier meer over weten. E-mail was toen nog niet zo gangbaar, dus ik schreef deze trainer een brief. Niet rechtstreeks naar zijn huisadres, maar naar de Amerikaanse volleybalbond, in de hoop dat de brief doorgestuurd zou worden. De brief werd doorgestuurd en weken nadat ik mij brief had verstuurd viel er een groot pakket op mijn deurmat. In het pakket een brief en een tweetal boeken, boeken over het Amerikaans opleidingsmodel en een trainershandleiding voor beginnende trainer. In de handleiding veel oefenstof, drills, zoals ze dat noemen. Elke oefening had een naam, butterfly, around the world, Dog house, King of court of the Dig Queen of the Mountain. Elke oefening had een vaste organisatie, maar hierop kon je naar believen variëren. Het gebruik van die namen maakte de training al spannend, vond ik. Zoiets als het volleybalkamp dat ik ooit meemaakte met de titel “De avonturen van Robinson Crusoe”. Ik bedacht mij dat het gebruik van die namen ook de uitleg van een oefening een stukje sneller liet verlopen. Vertel de kinderen dat ze Dog house gaan spelen en ze weten al snel wat er gevraagd wordt. Ze kennen de organisatie en wil je hierop variëren, is het eenvoudig om de organisatie iets aan te passen. De oefeningen in het boek betroffen ook geen saaie oefeningen waarbij een speler een bal tegen een muur of naar een ander moest spelen. De oefeningen leken al behoorlijk op de spelpatronen die je ook in in een wedstrijd terug kan zien.

Pamela

Beelden zeggen meer dan woorden en dat was ook direct de reden waarom de aanwijzingen, de feedback die spelers kregen, zo simpel maar ook zo to the point was. Er werd gebruik gemaakt van beeldspraak. Geen hele lange verhalen. Er werd gebruik gemaakt van sleutelwoorden. Een woord maakt vaak al duidelijk wat je bedoeld. De rechte armen in de pass, waren een plank en 10 Cola betekende dat je bij het bovenhands spelen van de bal ook alle tien de vingers gebruikte. Elke trainer was en is natuurlijk vrij om zelf sleutelwoorden te bedenken, passend bij de doelgroep. Zo wordt de 10 Cola 10 Bier bij een team boven de 18. Toen de Voetbal Pupillentrainer nog actief was als topvolleybaltrainer was ook hij een enthousiast gebruiker van sleutelwoorden. Uit zijn koker komt Pamela, naar Baywatch babe, Pamela Anderson. Pamela kon echt alleen maar goed een bal passen als zij haar schouders zou optrekken en haar armen boven haar borsten bij elkaar zou brengen. Het niet strekken van de armen in de pass is dan bijna onmogelijk. Een sleutelwoord voor 18+ zeg maar. Een volleybaltraining wordt voorwaar spannend. Een sport leren wordt leuk. Daan, de pupillentrainer, was hierin echt vernieuwend.

Neurotraining
Ik heb mij in die tijd wel eens afgevraagd of er naast dat al die sleutelwoorden leuk waren, een training spannend, uitdagend maakte, was nagedacht over de vraag waarom het werken met sleutelwoorden ook objectief werkte. Tijdens de cursus Neurotraining die ik destijds bij het ITON, het Instituut Neurowetenschappen, heb gevolgd werd hier aandacht aanbesteed. Aan de hand het cursusboek Van Contractie naar Actie leerde wij hoe in de sport het motorisch leren plaatsvindt.

Onderzoekers hadden ontdekt dat kinderen (sporters), wanneer hun aandacht niet gestuurd wordt, neigen naar irrelevante be­wegingsdoelen. Een manier om dit op te lossen en het leren verbeteren is het gebruik van sleutel-woorden. Sleu­telwoorden reduceren de instructie tot één of enkele sleutel­begrippen. Vanuit de werking van het geheugen is dit te be­grijpen. Per aanleermoment kan het werkgeheugen maar beperkt informatie behappen. Als wij dan ook nog de neiging hebben om ons te richten op irrelevante informatie lijkt het zinvol om een techniek terug te brengen enkele steekwoorden, welke de hoofd­lijnen van een techniek weergeven. In het volleybal zien wij het gebruik van sleutelwoorden vooral terug bij het aanleren van de techniek en in de organisatie van de oefenstof. Ik ben het, in relatie tot het aanleren van techniek, in een voetbaltraining weinig tegen gekomen. In relatie tot de organisatie van oefeningen natuurlijk wel. Een term als een rondootje is natuurlijk vrij algemeen bekend. In de coaching komt het natuurlijk wel voor, termen als breed, ‘druk zetten’ het spelen in een ‘driehoek’ naar voren dan wel naar achteren zijn hier natuurlijk voorbeelden van.

Ik ben wel benieuwd hoeveel trainers, in het voetbal, het volleybal of een andere sport, gebruik maken van sleutelwoorden tijdens de training, de coaching. Ik ben ook wel benieuwd in welke sport trainers actief zijn.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s