Ongelukkig geboren zijn

Ongelukkige kinderen, ze bestaan. Kinderen die het ook altijd tegenzit, ze bestaan. Kinderen die te klein zijn, te langzaam, niet slim genoeg, ze bestaan. In de jaren 70 van de 20e eeuw bleek al dat kinderen geboren in de maanden juli, augustus en september oververtegenwoordigd waren in het speciaal onderwijs. In de 20e eeuw bleek een vergelijkbaar fenomeen zich voor te doen in de sport. In de selectie elftallen bij Ajax bleken wel heel veel kinderen geboren te zijn in maar een heel beperkt aantal maanden, namelijk de eerste drie maanden ná de peildatum. Je kan, zo leek het, gewoon in een verkeerde maand geboren zijn. Dit was natuurlijk onzin. Je bent niet minder slim omdat je geboren bent op 21 september of een minder talentvolle voetballer als je geboren bent op 27 oktober.

Hoe komt het dat kinderen geboren in een bepaalde maand minder succesvol lijken?

Kort door de bocht, ligt de oorzaak hiervan in de moeite die wij hebben om kinderen die deel uit maken van een groep individueel te beoordelen.

Tien minuten gesprek:

Mijn zoon zat in groep 8. Tijdens het 10 minuten gesprek wilde ik het graag hebben over de vraag hoe wij het rekenniveau konden verbeteren. De leerkracht begon een heel gesprek over hoe hij de klas leerde rekenen. Hij sprak hierbij ook, heel toepasselijk, in meervoud. Na een minuut of twee onderbrak ik zijn betoog en vertelde hem dat ik niet de vader was van alle kinderen in zijn klas. Dat ik slechts 1 kind in zijn klas had en dat een tien minuten gesprek toch echt 10 minuten duurt. 

Als de leerkracht een toets geeft beoordeelt hij iedereen op gelijke wijze. Logisch, dat is wel zo eerlijk, hoor ik je denken, maar is dat zo? Wij vergeten dat kinderen verschillen in leeftijd, maar ook in ervaring in het onderwijs. Het oudere kind in de groep heeft ook het meeste onderwijs genoten. Kinderen die niet mee konden komen stroomde uit richting het Speciaal Onderwijs. Daar kwamen alle kinderen die op welke reden dan ook niet mee konden komen.

Ook in de sport komen wij ongelukkige kinderen tegen. Kinderen die op welke reden dan ook niet mee kunnen komen. Ook in de sport valt op dat kinderen geboren in een bepaalde maand oververtegenwoordigd zijn. In de selectie elftallen in het voetbal, in de selectieteams in het volleybal, kwamen wij en komen wij veel kinderen tegen die geboren zijn in de eerste drie maanden ná de peildatum. Waar wij in het onderwijs nog werken met groepen met een leeftijdsspreiding van maximaal 12 maanden, zien wij in de sport niet zelden een leeftijdsspreiding van 24 maanden. Als de club selectietrainingen organiseert wordt iedereen, net als in het onderwijs, op gelijke wijze beoordeeld. Logisch, dat is wel zo eerlijk, hoor ik je denken, maar is dat wel zo?

Op de eerste plaats kunnen de verschillen in leeftijd enorm groot zijn. Bij kinderen in de groei kan dit een relevant thema zijn. Zelfs als een kind al tweede jaars is, maar geboren in oktober, is het vaak nog steeds niet het oudste kind in de groep.

Canadese onderzoekers beschrijven het geboortekwartaaleffect als volgt:
“Degene die net na de peildatum geboren worden (dus absoluut iets, maar relatief veel ouder zijn) niet alleen sociaal en emotioneel ‘volwassener’ zijn maar met name in hun fysieke ontwikkeling voorliggen. Voor de jongste kan dit nadeel aan het begin van hun ‘sportloopbaan’ dat het volhouden van de race op de langere termijn heel moeilijk wordt.”

Als je dit dan zet naast het relatieve voordeel dat de kinderen hebben die geboren zijn kort ná de peildatum, dan moet je als jongste in een twee-jaars-groep veel een flinke lading eelt op je ziel hebben, mentaal erg sterk in de schoenen staan. Als je keer op keer hoort dat je net niet goed genoeg bent ga je het op enig moment ook geloven. Je kan dan zeggen dat dit een fixed mindset is, maar iemand die keer op keer zijn neus stoot past op enig moment wel op.

In een artikel dat ik midden jaren 90 voor de Volley Techno schreef werd als een van de oplossingen het invoeren van een geboortekwartaal quotum genoemd. Je verdeeld je twee-jaars-groep in half jaar groepen en je spreekt af dat je uit elke groep een zelfde aantal spelers selecteert. Om onderling vergelijking te voorkomen zou je de half-jaar-groepen ook niet op dezelfde dag moeten oproepen. Je zou kunnen zeggen dat een indeling zoals FC Twente gaat hanteren lijkt op het werken met een quotum. Sterker nog, misschien is het wel beter omdat bij het werken met quota je binnen die selectiegroep nog steeds verschillen zou kunnen zien in fysieke kenmerken? Is het selecteren op lengte en gewicht synoniem aan het vaststellen op de biologische leeftijd.

In een workshop in 2017, over kinderen in de groei en topsport, vertelde kinderfysiotherapeut Roy Schaaij hier iets over. Ten aanzien van het thema groei benoemt hij vier thema’s, te weten de kalenderleeftijd, de Tannerscore, de skeletleeftijd en de ‘Age at Peak Height Velocity‘ tot slot benoemde hij de hormonale invloed. Met de Age at Peak Velocity maar je op basis van een aantal gegevens een schatting van de biologische leeftijd. De skeletleeftijd, meer accuraat,  bepaal je via een röntgenopname, waarbij gekeken wordt naar de linker pols en hand, waarbij de leeftijd dat afhankelijk is van aantal – grootte – vorm van het bot. In het volleybal registreerde wij vroeger al schoenmaten en meisjes van 1,70 m. die hun eerste menstruatie al hadden gehad, weinig kans op een succesvolle loopbaan in het volleybal evenals een jongen met een schoenmaatje 36. Ondanks al deze administratie kende wij toch die oververtegenwoordiging van kinderen geboren in net die drie maanden ná de peildatum. Was er dan toch nog iets anders aan de hand?

In het artikel in het Tijdschrift voor Sportgeneeskunde (december, 1998) werd beschreven dat in sommige landen, en sommige sporten geen sprake was van een geboortekwartaaleffect, terwijl in andere landen in dezelfde sport wel sprake was van een geboortekwartaaleffect. Terwijl de leeftijdscategorieën niet anders waren. Met andere woorden de manier waarop wij naar de sport kijken, de sport-culturele context, kon ook wel eens bepalend zijn. Wil je, als trainer, winnen op korte termijn of kan je behoefte bevrediging uitstellen? Is bij het willen winnen op de korte termijn belangrijk dat spelers snel zijn, lang zijn, fysiek sterk zijn? Of vind je misschien techniek belangrijker? In een recent artikel van De Monitor wordt Karien Meuleman van de KNHB geciteerd:

Veel clubs zijn er mee bezig. Maar het willen winnen, het presteren zit zo in onze cultuur, dat verander je niet zomaar.

Het probleem van geboortekwartaal effect, van gelijke kansen voor ieder kind, van werkelijk objectieve beoordelingscriteria, gaat dus niet om de korte termijn oplossingen, het gaat over een werkelijke discussie over sportcultuur, de gedachte achter de ontstane problemen.

 

Advertenties

Over CoachBert62

Ik ben een creatief denker, een pro-actieve mensgerichte coach, iemand met een helikopterview, iemand die snel kan schakelen.

Geplaatst op 22 maart 2019, in Beleid, geboortekwartaaleffect, selecteren, Spelplezier, Sport, Talentontwikkeling, voetbal, Volleybal en getagd als , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. Een reactie plaatsen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: