Onder inmense druk

Deze week waren velen verbaasd door eerst het statement van Noami Osaka en kort daarop het terugtrekken van Osaka bij Roland Garros. Osaka had, zo vertelde zij, erg veel moeite met de persconferenties na afloop van een wedstrijd. Als ze gewonnen had, oké dat ging nog wel maar voor het doorzagen door journalisten ná een verloren wedstrijd. Dat raakte diep. Zij kon daar niet langer tegen. De toernooi organisatie reageerde direct na de aankondiging dat zij de persconferenties zou gaan mijden. Zij zou uit het toernooi worden gezet en zou daar bovenop nog een flinke boete krijgen. Je zou wat meer bijval verwachten van haar collegae maar nee, alleen Serena Williams snapte de situatie. Mannetjesputters als Djokovic en Nadal maar ook Barty hadden weinig begrip. Als je ziet hoe snel de toernooi organisatie reageerde en met welke maatregelen zijn dreigde, kan je daar met een beetje gevoel nog begrip voor opbrengen. Ik moest terugdenken aan een aantal jaren geleden, het moment dat enkele wielrenners hun nood klaagde over een levensgevaarlijk parcours waar de wedstrijd organisatie de renners langs wilde sturen. Alles voor de kijkcijfers, er even aan voorbijgaand dat wij met mensen te maken hebben.

In een artikel op Nu.nl braken enkele sportpsychologen een lans voor Osaka. Het was dapper wat zij had gedaan en, zo dacht men, hier zouden tennissers op termijn hun voordeel mee kunnen doen. Osaka had een lans gebroken voor juist haar collega’s, zij wilde aandacht vragen voor de mentale gezondheid van tennissers. Tennissers zijn, je zou het bijna vergeten, ook mensen. Net als die wielrenners zijn zij geen instrument in handen van projectontwikkelaars die over de rug van sporters hun geld verdienen.

In een gesprek met vrienden over de actie van Osaka werd mijn standpunt keihard onderuit geschoffeld. Zo zat topsport nu eenmaal in elkaar en als je hier niet tegen kon je er maar beter niet aan beginnen. Ze verdiende genoeg, meer dan genoeg, ging mijn vriend in de overtreffende trap. Dit hoorde er nu eenmaal bij en hij zou er geen seconde minder om kijken. Ik was uitgekakt, hier kon ik niet tegenop. Nadat ik er wat langer over had nagedacht, kwam ik tot de conclusie dat hij misschien wel de kern van de zaak raakte. Het boeit ons als kijker, als consument, echt helemaal niks. Het ging om het vermaak en als sinds de gladiatoren in het oude Rome, boeide het de kijker echt geen drol dat de artiest er onder door ging. Wij willen ons identificeren met de winnaar. Iets niet goed kunnen, fouten maken, de wedstrijd verliezen, het wordt er al jong ingepompt, ingetrapt soms. Een wedstrijd is gelijk aan falen en falen is soms letterlijk dodelijk.

Top 5: De grootste gladiatoren | historianet.nl



Ik zag begin deze week de wedstrijd van Jong Oranje tegen Frankrijk. In de laatste minuut van de blessuretijd, op een 1-1 stand, besloot Justin Bijlow de bal niet bij zich te houden maar om de bal direct uit te spelen. De commentator had het niet over een geniale actie van de keeper, maar over het influisteren. De actie kon door de keeper zelf bedacht zijn. In de nabeschouwing ging het over het overzicht dat Stengs had en helemaal het geniale doelpunt van Boadu. Niemand had het meer over de actie waar alles mee begon. Keepers, verdedigers kunnen in het voetbal eigenlijk niets goeds doen. Houden ze een bal tegen, dan is dat dood normaal, hoort bij je taak, laten ze een speler lopen, tast de keeper mis, is het een doelpunt. Over de psyche van de keeper heb ik eerder een verhaal geschreven. Nadat de duitse keeper Robert Enke zich zelf van het leven had beroofd. Het keihard afstraffen van fouten, van vergissingen, zit er vroeg in. Langs de lijn bij een willekeurige pupillenwedstrijd doet pijn aan de ogen. In het volleybal hadden ze rond het maken van fouten zelfs een wedstrijdvorm gedacht. In het oude Circulatie volleybal kon je naar de kant als je de bal had laten vallen. Alles om kinderen te prikkelen geen fouten te maken. Als ik bang was geweest om te vallen, als mijn vader mij had vertelt nadat ik de eerste keer keihard op de grond was gevallen, had ik misschien wel nooit leren fietsen. Door fouten te maken leren wij, waar gewerkt wordt vallen spaanders. Het is dan ook veel belangrijker om niet zo spatisch met fouten, missers om te gaan, maar om er van te leren. Dat leren kost tijd en die tijd hebben wij niet. Wij leiden in heel veel sporten kinderen op die fouten het liefst willen mijden, die zelfs als een berg op zien tegen het bespreken van acties die misschien iets minder goed zijn verlopen. Soms bewust, maar ook vaak geheel onbewust, voeden wij angstige, foutenmijdende kinderen op. Het begint al met de vermaledijde selectietrainingen. Alsof wij met z’n allen een heel seizoen niet gekeken hebben, niet geluisterd hebben. Een soort CITO toets die niet zo zeer de huidige stand van zaken meet maar veel meer de mate waarin iemand in de ogen van de trainer het goed doet. Trainers selecteren niet op de lange termijn, die zijn niet bezig met dat punt op de horizon. Trainers zijn bezig met dat punt aan het eind van de straat, met hun eigen CV. Wij leiden met z’n allen kinderen op die vreselijk druk zijn om zich zelf met anderen te vergelijken, in plaats van met zich zelf te vergelijken. De enige vooruitgang die objectief en ook meetbaar is, is de vegelijking met jezelf. Winnen is ook niet winnen van de ander, van je tegenstander, winnen is winnen van jezelf. Elke dag beter worden dan dat je gisteren was.

Is jouw mindset vast of groeigericht? Doe de test! - HeartState


Terug naar Osaka en haar statement, de aandacht die zij vraagt voor de mentale gezondheid van tennissers. Een systeem is aan het denken gezet, denken sportpsychologen Jan Sleijfer en Kelly Dekker. Ik mag het hopen. Ik zou er voor willen pleiten om niet alleen binnen de tenniswereld eens na te denken over zoiets als mentale gezondheid, maar ook andere sporten aandacht te besteden aan de volledig doorgeschoten focus op foutloos resultaat sport. Prima dat je uiteindelijk wil winnen, maar laten wij leren fouten maken, laat ons vergissingen maken. Wij werken niet met een machine, wij hebben te maken met mensen. Ik zou Osaka enorm veel succes willen wensen en ik hoop dat de luiken bij tennissers als Djokovic, Nadal en Barty open gaan. Laten we de sport weer teruggeven aan de kinderen, aan de sporters, zonder die bemoeienis van sportbonsen, organisaties van wielerrondes, toernooi organisaties, zonder bemoeienis van rijke oliesjeiks of stinkend rijke oliegargen. Er zijn nogal wat sporten die volledig doorgeschoten zijn terwijl wij er met z’n allen bijstonden.

Dien je project in voor de Nationale Sportinnovator Prijs 2019 - Van  prestatie naar plezier - ZonMw

Over CoachBert62

Ik ben een creatief denker, een pro-actieve mensgerichte coach, iemand met een helikopterview, iemand die snel kan schakelen.

Geplaatst op 4 juni 2021, in Beleid, Coachen, geboortekwartaaleffect, groei mindset, Peakperformance, Psychologie, selecteren, Sport, voetbal, Volleybal en getagd als , , , . Markeer de permalink als favoriet. 4 reacties.

  1. Zodra er geld mee gemoeid is gaat het snel om zeep. Gaat het om pakken geld, dan kan de standaard werkende mensen het meestal niet meer vatten omdat ze zich blindstaren op het geld en al de rest niet meer zien. Dus opmerkingen zoals ‘ze verdienen genoeg’ zijn nogal kortzichtig. Het werkt als je ongeveer dezelfde problematiek omschrijft met een voorbeeld dichter bij huis.
    *Met volle moed start je je eerste job. Uiteindelijk blijkt dat je er best in uitblinkt, je wordt geprezen en je voelt je goed. Een werkgever heeft snel door als hij geld kan verdienen aan een van z’n mensen. Hij geeft je wat opslag om je te houden en jij bent blij. Maar als het op geld aankomt staat er steeds iets tegenover. De werkdruk wordt als maar hoger en er wordt steeds meer van je verwacht. En jij wil je dat je werkgever tevreden blijft over jou. Tot je beseft dat je het allemaal niet meer aankan en er stilletjes aan ten onder gaat. Wat doe je dan? Je hebt een job waar je goed in bent en een mooi centje mee verdient. Alles zomaar opgeven? Wat voor vele mensen doorslaggevend is, is als ze uiteindelijk beseffen dat ze misbruikt worden door hun werkgever. Dus ergens in je hoofd neem je een beslissing om hiermee te stoppen of in het slechte geval ga je door met de gevolgen van dien. Maar dat is in de meeste gevallen is stoppen ook niet zo simpel want waar geld is, is meestal ook een contract en meestal met veel kleine lettertjes.*
    Uiteindelijk start alles met een passie. En zodra je goed in iets bent, begint de druk. Komt er geld bij kijken komen ook nog eens de verwachtingen en verplichtingen. Het is dus bewonderenswaardig dat Naomi Osaka op een leeftijd van amper 23 jaar haar stem laat gelden in deze hedendaagse prestatiemaatschappij. Het is alsof ze zegt: ‘Ik ben een mens! Geen (geld)machine die je maar kan gebruiken zoals jij dat wil. Nu is het genoeg.’ Uiteindelijk vecht zo voor haar passie. Haar actie toont haar sterkte en haar kracht. Moest dit mijn dochter zijn, zou ik ontzettend fier op haar zijn en haar ten volle steunen. Dat meisje heeft lef en komt op voor zichzelf.

    Geliked door 1 persoon

  2. Wij moeten kinderen hun sport, hun spel terug geven. Kinderen moeten fouten kunnen maken, fouten durven maken. Die prestaties, die komen echt vanzelf. Er is onderzoek, gedaan door de Universiteit van Sindney, waaruit bleek dat van alle Australische medaillewinnaars bij meerdere Olympische Spelen, geen enkele winnaar als kind al als talent te boek stond, zelfs maar in een selectieteam zat. Ik heb ooit een studiedag bijgewoond van een bekende Belgische volleyballer, Emile Rousseaux. De man maakte ook deel uit van het Belgisch nationaal team. Hij vertelde dat hij pas laat is gaan volleyballen en ook pas op latere leeftijd in het nationaal team terecht kwam. Dit kon, zo vertelde hij, twee dingen betekenen:
    “Of het Belgisch nationaal team stelde in het geheel niks voor of hij had als kind veel meer motorische vaardigheden geoefend dan dat je zou verwachten. Hij vertelde dat hij veel buiten speelde, in bomen klom, meehielp op de boerderij. Al die algemene bewegingsvaardigheden zie je terug in de Bewegingsschool die hij samen met Sabine Appelmans heeft opgezet. Kinderen moeten zo lang mogelijk breed motorisch opgeleid worden. Ook dit is in lijn met dat Australisch onderzoek, want al die medaillewinnaars blonken als kind nog niet echt uit, maar deden vaak wel meerdere sporten. Ik zou er echt voor willen pleiten om kinderen weer gewoon te laten spelen, het uitstellen van die behoeftebevrediging van trainers moet er echt vanaf en let op mijn woorden, dat leidt tot betere resultaten op de lange termijn en, ook niet onbelangrijk kinderen, volwassenen blijven sporten. Een al te grote gerichtheid op resultaten leidt, ook bij topsporters, tot drop outs ….

    Like

  3. Great post! Very interesting.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: