Stof op de planken

Geboortekwartaaleffect

“Jij geeft aan dat procesmatig werken zal leiden tot een hoger niveau van onze elftallen? Kun je dat uitleggen? Ik ben bang dat ondanks dit de trainers toch zullen kiezen voor de beste 11 in de wedstrijd of selectie.”

Een gesprek over het fenomeen geboortekwartaaleffect, leidde tot een discussie over het nut van procesmatig werken. Mijn gesprekspartner was bang dat de meeste trainers toch altijd, aan het begin van het seizoen, bij een wedstrijd, toch altijd zullen kiezen voor de beste 11. Een open deur natuurlijk, want eerlijk is eerlijk, wie zou dat niet doen? De vraag is alleen, zijn de beste spelers van 1 juni, ook de beste aan het eind van het seizoen of nog verder, zijn dit de spelers die straks in het eerste elftal gaan spelen? In de jaren ’90 van de vorige eeuw ontdekte aan Canadese journaliste dat op het hoogte niveau van de NHL veel heel veel spelers geboren waren in maar een paar maanden van het jaar. Later ontdekte men dat ook in het Nederlandse voetbal er wel heel veel spelers in het betaald voetbal geboren bleken te zijn in juist de eerste drie maanden na de peildatum. Dit betekende niet dat talenten niet in zomer geboren konden zijn. Dit had alles te maken met oneerlijke concurrentie, met iedereen over een kam scheren. Co Adriaanse, destijds hoofd opleiding, bij Ajax verzuchtte dat zij, door deze oogkleppen, misschien wel talenten, van het caliber Johan Cruyff, aan de dijk hadden gezet. Top spelers in de dop, die nu achter de geraniums zitten, zonder dat ze ooit hun talent hebben kunnen laten zien, zonder dat iemand ooit naar hen omgekeken had.  Uit Europees onderzoek kwam naar voren dat het probleem binnen het voetbal niet kleiner maar groter wordt, zo bleek uit een onderzoek onder profs uit 12 Europese competities. Uit een artikel van Rick Lenders (maart 2015) bleek dat in de jeugdopleidingen van Nederlandse profclubs bijna vier keer zoveel spelers uit januari, februari of maart dan uit oktober, november of december rondlopen:

http://www.tussendelinies.nl/het-geboortemaand-effect-in-de-nederlandse-opleidingen

Nu scouten deze profclubs bij de amateurverenigingen in hun regio. Je zou dus kunnen verwachten dat ook daar een vergelijkbaar effect te zien zal zijn. Een eerste inventarisatie van een website voor voetbaltrainers laat niet al te hoopvolle cijfers zien. De KNVB heeft nu aangegeven dat zij nu, bijna 16 jaar nadat Ajax dit probleem binnen de eigen jeugdopleiding al signaleerde, hier wat aan gedaan moet worden. Ik verwacht er niet  veel van. Als winnen, gaan voor een kampioenschap, niet willen degraderen, kortom resultaten, het ultieme doel worden, kies je voor de korte termijn, kies je voor spelers met wie jij ook gaat winnen, met wie je niet zal degraderen, met je kampioen zal gaan worden. Hiermee kies voor de korte termijn bevrediging in plaats van het lange termijn resultaat. Leiden wij op om voetballers beter te maken of gaat opleiden over korte halen, snel thuis?

Stof op de planken

De nieuwe spelvormen van de KNVB laten zien dat de KNVB geleerd heeft. Centraal staat niet winnen, centraal staat plezier. Centraal staan veel balcontacten, kleinere teams, op kleinere veldjes. De voetbalwereld zou de voetbalwereld niet zijn als er weer een legioen aan mensen op zouden staan die het plan maar niets vinden. Good old Wim Jansen mocht in De Telegraaf zijn gal spuien. De Telegraaf is er op een of andere manier alles aangelegen om alles bij het oude te laten. Je vraagt je soms af waarom er in tegenstelling tot andere sporten nog steeds niet gewoon is om met een videoscheidsrechter te werken, waarom ongewenst gedrag op en langs de lijn maar niet opgelost kan worden? Waarom toch zou het Nederlandse voetbal zo afgegleden zijn? Het is alsof deze subcultuur niet wakker wil worden. Voor de duidelijkheid, de wereld is veranderd. Blaas het stof van de planken en kijk eens kritisch naar je eigen sport, naar de organisatie van je eigen club en hoe jij binnen die organisatie als trainer, als coacht functioneert. Probeer eens uit de comfortzone te treden.

217d77e62ffc1866bc3bd5c866b47dbe

Een slechte lichting

Ik sprak laatst een voetbaltrainer. Hij had net, met zijn team, ongenadig hard verloren. Op mijn vraag hoe het ging, antwoordde hij verontschuldigend, dat hij te maken had met een slechte lichting. Het zat gewoon even niet mee.
“Dat vroeg ik niet,” antwoordde ik, ik vroeg hoe het gaat.  Hij keek mij verbaasd aan en reageerde toe, iet wat gepikeerd, “Wat denk je zelf?”

Het excuus van een slechte lichting heb ik vaker gehoord en ik vind het een slecht excuus. Het hebben van een slechte lichting gaat over ‘schapen over een kam scheren’. Het hebben van een slechte lichting gaat over het gehecht zijn aan winnen van wedstrijden in plaats van het beter maken van sporters.

Lees Meer

Zuigelingen selectie

Klokslag 7 uur ging het hek van het sportpark open. Ruim 27 moeders en een enkele verdwaalde vader duwde hun kinderwagen vlot door het hek naar binnen. Op het raam bij de kantine hingen de papieren. Ik moest mij, met Leroy, melden op veld 2, maar voor dat de selectietraining begon, eerst opwarmen in het clubhuis.

“Heeft u voor mij een kopje koffie en kan ik ergens de fles voor mijn zoontje warm maken?”
“Ik zal even een flesverwarmer voor u pakken. Bij de achterste tafels vindt u een paar stopcontacten.”
Ik kreeg een flesverwarmer mee, vulde ‘m deels met water en haalde de fles uit de sporttas. Leroy was vanmorgen al vroeg op en had voor het laatst vlak voor het slapen gaan zijn flesje gehad. Het was onverstandig om al wat brood of een potje Olvarit te geven vlak voor een zware training, maar wat lichters, gewoon een klein flesje Nutrilon werd geadviseerd.

Leroy was uitgenodigd voor een selectietraining van Barcalona. De club organiseerde door heel Europa selectietrainingen. Ouders konden hun zoontje hier voor opgeven. Je kreeg dan via email een uitnodiging met daarin een weblink naar een vragenlijst die je dan moest invullen. Vragen over, het geboortegewicht, de Apcar score, maar ook over de lengte van vader en moeder, of de ouders ook aan sport hebben gedaan en zo ja, op welk niveau, of het kind te vroeg, dan wel te laat was geboren. Het was een hele lijst met vragen. Na een week of vier kwam de uitnodiging.

Wij mochten met Leroy komen. Onze buren waren best teleurgesteld, want Klaas bleek niet goed genoeg. Sonja, Klaas’s moeder bleek te klein en wat ook meespeelde, zij had nooit op een beetje niveau aan sport gedaan. Ze kon fantastisch viool spelen, maar die ervaring telde niet mee.

 

babytopsport_1

Lees Meer

Jij bent te klein

“Bert!!” riep mijn moeder van onderaan de trap.
“Er staan jongens op jouw te wachten of je buiten komt spelen?”
Ik was op mijn kamer met Lego aan het spelen en had eigenlijk geen zin.
“Zeg je nog wat?” riep mijn moeder.
Ik stond op en liep naar het raam. In de tuin stonden John, Warner en Chris.
Warner en Chris waren broers, zij woonde achter ons. John zat bij mij in de klas. Ik speelde eigenlijk nooit met Warner en Chris. Zij waren ook een stuk ouder.
John zag mij staan.
“Hey Bert, wij gaan voetballen tegen de Scheldelaan, doe je mee?”
Hoewel ik eigenlijk geen zin had, liet ik mijn Lego bouwwerk voor wat het was en liep naar beneden.
“De Scheldelaan, wil tegen ons spelen,” zei Warner toen ik naar buiten kwam.
“Doe je mee, want anders hebben wij niet genoeg?”
Ik vond het wel een eer dat Warner en Chris aan mij gedacht hadden. Ik pakte mijn jas en liep met ze mee. Op het veld langs de Filters stonden al een heleboel jongens. De jongens aan de andere kant waren de jongens uit de Scheldelaan. De jassen werden op de grond gegooid om de doels te maken. Warner maakte de opstelling.
“Bert, jij begint er naast, oké? Jij komt er straks wel in.”
De wedstrijd begon. Ik stond langs de kant. De Scheldelaan maakte er een echte wedstrijd van. Het leek wel of ze allemaal groter waren. Wij kwamen al snel achter, drie corners penalty, dan gaat het hard. De tweede helft mocht ik er in van Warner. Warner zette zijn broer er even uit. Het was geen succes, het ging snel, ik wist niet waar ik moest lopen en werd al snel weer gewisseld. Chris mocht weer op mijn plaats.
Na onze verloren wedstrijd kwam Warner mij vertellen dat ik eigenlijk te klein was, ik snapte het nog niet zo goed. Voor voetballen moest je slim zijn, zei hij. Teleurgesteld liep ik naar huis.
“Was het leuk?” vroeg mijn moeder toen ik de keuken in liep.
“Ik ben te klein,” zei ik boos en liep stampvoetend de trap op.
Ik was kleiner dan de andere jongens. Ik zat ook een klas lager en zat ook nog maar net op voetbal. Met Warner scheelde ik bijna twee jaar. Met John maar twee maanden, maar John zat al wel twee jaar op voetbal. Hij wist al beter dan ik wat er bedoeld werd. Ook bij de voetbalclub was ik de jongste, dus de slechtste. Ook daar werd ik vaak als laatste gekozen. Geboren in september betekende ook dat ik daar tot de jongste behoorde. Ook daar had ik het moeilijk. In mijn klas waren er niet veel jonger dan ik. Ik scheelde bijna een jaar met de oudste van de klas. De juf op school vond dat ik nog erg speels was, vaak afwezig tijdens de les. Er ging geen dag voorbij dat zij niet zei:
“Wanneer leer jij het nu eens?

Lees Meer