Niet leuk

“Pis”
“Pot”
“Pis”
“Pot”
“Pis”
“Ooh wacht even, doen we met laatste hele?”
“Lijkt mij wel, doen we altijd!”
“Pis”
“Pot”
“Oke, jij wint. Jij mag kiezen.”
“Dan kies ik, natuurlijk Peter!”
Peter was een hele goede voetballer, speelde bij RCH in de D1 en dan kan je echt wat.

Zo zagen mijn woensdagmiddagen er in Heemstede vaak uit. Voetballen op het veldje langs de Scheldelaan. Peter werd ook vaak als eerste gekozen. Opvallend en eigenlijk ook weer niet, werd Berry  altijd als laatste gekozen. Berry kon er echt helemaal niks van. Eigenlijk wilde niemand Berry in z’n team.

Als ik thuis kwam na een middag voetballen, zaten mijn vader en moeder aan een kopje thee in de woonkamer.
“En? Gewonnen?”
Winnen was belangrijk. De vraag was niet of ik leuk gespeeld had. Omdat ik graag wilde dat mijn vader trots op mij was, wilde ik ook maar wat graag winnen. Om die reden kon ik ook echt flink sacherijnig zijn als ik verloren had. Niets vervelender dan thuiskomen en dan van uitgerekend je vader te horen dat je er niks van kan of milder, je best niet had gedaan. De reden dat Berry altijd als laatste gekozen werd had hier ook alles mee te maken. De kans om te verliezen was met hem een stukje groter. Hij kon gewoon keihard over een bal heen maaien en daar kon hij nog niet eens iets aan doen. Hij zat niet op voetbal en al helemaal niet in een selectieteam. Berry zat op pianoles en eerlijk is eerlijk, dat kon hij dan weer wel. Het feit dat Berry werd gedoogd, daar kwam het wel op neer, was omdat hij gewoon wel een coole gast was. Prima jongen, alleen liever niet met hem voetballen.Lees meer »

Advertenties

Huilen op een bankje

De sportvereniging was voor mij de place to be. Hier waren mijn vrienden, hier kon je zijn wie je was. Het was gezellig, samen sporten, samen ook resultaten neer zetten, was geweldig. Mensen met een zelfde doel, een zelfde hobby. Niet dat ik niet wist dat de wereld er ook gewoon heel anders uit kon zien, minder leuk, minder gezellig, bedreigend soms. Dat was mijn middelbare school. Achtervolgd worden op weg naar huis. jongens die je schooltas van je bagagedrager trappen en dan wachten totdat ik mijn tas weer achter op de fiets had, om ‘m er daarna net zo hard weer vanaf te trappen. Een klas binnenlopen en dan zien dat ‘Bert is een homo!’ op het schoolbord geschreven is. Een hond die op je afgestuurd wordt als je door het park naar huis loopt als je fiets kapot is. Dat was mijn middelbare schoolervaring en waarom? Ik had geen idee.

De sportvereniging was veilige plek, hier hoefde ik niet bang te zijn. Hier hoefde ik niet te wachten tot iedereen weg was om dan via een omweg naar huis te fietsen. Ik kon mij werkelijk niet voorstellen dat het ook anders kon zijn. Tot die bewuste avond.Lees meer »

De Kleedkamer

De Kleedkamer, een nieuwe serie, uitgezonden door Veronica. Dit mocht je niet missen. Een geweldige serie die een van de mooiste aspecten van teamsport weer geeft: de kleedkamer! Een inkijkje in het wel en wee van de teamsport in Nederland.  “Een plek waar ik veel  heb geleerd heb en veel hoogte- en dieptepunten heb meegemaakt” aldus een trainer op social media. Hij noemde de rol van de kleedkamer als onderdeel van zijn persoonlijke vorming.

De Kleedkamer is een realityserie die zich afspeelt in de kleedkamers van Nederlandse sportteams. De serie geeft een dwarsdoorsnee van alle teamsporten, van voetbal tot roller derby, van fanatieke topamateurs tot het oudste veteranenelftal van Nederland. De serie geeft een inkijkje in al die kleedkamers, maar vooral een beeld van de Nederlandse sportcultuur.Lees meer »

Marktwerking

In een eerder blog benoemde ik al mijn verbazing over het feit dat veel voetbalclubs, zeker  bij de breedte teams, niet in staat zijn om gediplomeerde trainers aan te stellen.  Clubs anticiperen hier ook op door in advertenties aan te geven dat opleiding niet vereist is. Een recente tweet van Pieter Zwart wees op een mogelijke oorzaak, namelijk de prijs die trainers zouden moeten betalen voor een cursus.

“Opleiden zou geen melkkoe moeten zijn, maar een investering in de toekomst. Juist ook voor de breedtesport. Iedereen heeft baat bij goede trainers”

Zwart heeft hier een punt, iedere sporter heeft baat bij goede, opgeleide, trainers. Voor veel voetbalverenigingen blijkt dit een dilemma. Trainers zijn veelal de goed bedoelende vader, al dan niet met een voetbalachtergrond.Lees meer »

In groepen bewegen

Als trainer-coach in een teamsport was ik bezig met mijn spelers motorische vaardigheden aan te leren, technisch beter te maken. Ik was, hoeveel bij de hele jonge kinderen nog beperkt, bezig met tactiek. Als trainer-coach was ik natuurlijk ook bezig met het begeleiden van een groepsproces. Er gebeurde van alles in die groepen en ik realiseerde mij al snel dat alles wat er gebeurde grotendeels in relatie stond tot wat ik deed., met wat in zei. Was ik boos geweest op iemand, dan deed dit iets met degene op wie ik boos was geweest, maar het deed ook iets met de rest van de groep. Er werd op z’n minst over nagepraat en als men het niet met mij eens was, dan werd er een blok gevormd en dan kreeg ik dat terug. Soms wilde ik dat blok en veroorzaakte ik bewust, maar wel volledig onterecht, een klein conflictje.

In het Algemeen Dagblad van 12 oktober een bijna schokkend artikel, trainers in het amateurvoetbal hebben geen idee wat ze met een groep aan moeten.  Enkele jaren geleden schreef ik een boek over juist dit onderwerp. Een boek over het proces dat een groep doormaakt, over de rol die als trainer hebt. Verhalen over hoe je nu weet wat er in de groep gebeurd en hoe je daar zinvolle interventies op inzet.

Lees meer »

Mijn vader? Mijn coach!

Peter had al ruime ervaring als trainer-coach toen hij gevraagd werd om het team van zijn zoon Edwin te trainen en te coachen. Als man van de vereniging, maar ook omdat hij echt vond dat ik het moest doen en ook kon, is hij dat seizoen begonnen. Het leek hem leuk, maar ook wel makkelijk, om zijn zoon te trainen. Het was logistiek wel handig, zei hij geregeld. Hij was er toch en behoefde dan niet een dag extra richting de sporthal te rijden. Daarbij had de club, zoals elk seizoen moeite om voor .alle teams een trainer te vinden. Edwin? Die vond het fantastisch. Je vader als coach, leuker kon niet. Als eerste in de zaal, helpen de spullen klaar zetten. Het was gezellig. Het werd al snel minder leuk toen Peter zijn zoon af en toe moest aanspreken op dingen die eigenlijk niet konden. Of die keer dat hij bij een oefening niet mee wilde doen, maar wilde helpen. Het werd, in toenemende mate, niet werkbaar. In een poging om zijn zoon niet voor te trekken, deed Peter geregeld het tegenovergestelde. Waar Peter een het harde werken tijdens de training van Edwin als normaal beschouwde, gaf hij andere jongens daar een compliment voor. Na een verloren wedstrijd had Edwin een vader nodig die hem troostte, niet een coach die nog even vertelde wat er allemaal wel niet mis ging en Edwin? Lees meer »

Risicoscheidsrechters

Scheidsrechter zijn valt niet mee. Je moet een dikke huid hebben, stevig in je schoenen staan en in staat zijn om alles wat je over je heen krijgt of niet gehoord te hebben of in staat zijn om de bagger het ene oor in en het andere oor uit te laten gaan, zonder dat het tijd krijgt om zich ergens je brein te nestelen. Ziet u de ideale scheidsrechter voor u? Ze zijn zeldzaam.

In een recent sociologisch onderzoek naar het ontstaan van incidenten in het amateurvoetbal kwam naar voren dat incidenten veelal ontstaan in interactie met de scheidsrechter. Op zich een open deur, want het niet eens zijn met de beslissing van de scheidsrechter, zou een directe aanleiding kunnen zijn tot het ontstaan van een incident. Een incident escaleert op het moment dat meerdere spelers zich er mee gaan bemoeien.. Hoe goed bedoeld ook, bemoei je er niet mee, is eigenlijk de boodschap. Hoewel niet dusdanig genoemd behoef je weinig fantasie te hebben om te concluderen dat een situatie ook kan escaleren als het publiek zich er nadrukkelijk mee gaan bemoeien. Een combinatie van zeer betrokken medespelers en gevoelig publiek is het recept voor een conflict dat nog maar moeilijk te managen is.

De KNVB hamert vooral op het respect. Dit is de Pavlov die je vaker hoort als het gaat om geweld tegen mensen in een uniform. Kleren maken de man, zeg maar. De scheidsrechter is er voor ons allemaal en daar dien je respect voor te hebben. Balkenende zei, al fatsoen moet je doen. Respect is een werkwoord. Hier is natuurlijk geen spelt tussen te krijgen. Het gaat echter voorbij aan één ding en dat is gedrag. Respect gaat niet over wat iemand aan heeft. Respect gaat over hoe iemand zich gedraagt.

Toen ik, eind jaren 80 van de vorige eeuw, nog als leerling verpleegkundige op een afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis werkte, viel mij al op dat er collega’s waren die wel erg vaak agressie incidenten meemaakte. Pech zou je zeggen. Dit was soms het geval, regelmatig kwam ook de term ‘bejegening’ naar voren. Leary zei het al, iedere actie roept een reactie op en daaruit ontstaan niet zelden patronen.

 

Boven gedrag roept onder gedrag op. Een assertief gedrag roept opstandig gedrag op. Mijn oud collega die straks op de structuur zat kon er gif ik innemen dat ze om de zoveel tijd tegen een agressie incident opliep. Structuur was een middel, geen doel op zich, zei wel eens iemand. Het ging over het gedrag dat agressie opriep.

Als je dit nu eens vertaalt naar het voetbalveld, dan zou je kunnen stellen dat leidend gedrag afwachtend gedrag zal oproepen. Een assertieve speler kan bij een iets minder leidende scheidsrechter opstandig gedrag kunnen oproepen. “Wie denk jij wel dat je bent, hier alvast een gele prent” Voor een scheidsrechter lijkt het mij belangrijk dat hij of zij zich realiseert dat elke actie een reactie oproept en dat je, als je dat lopende een wedstrijd niet door hebt, je zo maar de wedstrijd kan laten escaleren. Toen ik de docentenopleiding deed bij de Academie voor Sportkader, waaraan ook docenten deelnamen die zouden uitstromen richting de cursussen voor scheidsrechters, hoorde ik  dat het nog niet eens veel uitmaakt wat de scheidsrechters nu wel of niet affluit maar dat hij daar maar wel een lijn aanhoudt. Dit zal kloppen, maar ik zou wensen dat een scheidsrechter begrijpt dat respect niet afgedwongen wordt door het uniform, maar door de mate waarin hij snapt dat bij sport emotie hoort en dat structuur een middel is en geen doel op zich. Ook een voetbalwedstrijd is een proces en bestaat niet louter uit de regels van het spel. Voor je het weet bemoeit iedereen zich er mee en loopt de wedstrijd volledig uit de klauwen.