Categorie archief: Peakperformance

Vroeger was het leuk!

“Kom je voetballen?”
“Weet niet of ik mag, moet nog huiswerk maken”
“Dan vraag je toch!”
“Oké, kom zo terug.”

Het duurde even voordat Lars terug was.

“Het mag, maar ik moet vijf uur thuis zijn.”
“Wij gaan tegen de Scheldelaan!”
“Oef, dat zijn klootzakken!”
“Daarom gaan we ook winnen!”

Op het veldje, aan de rand van de wijk, stonden de jongens van de Scheldelaan al klaar. De jassen vormde de doels.
“Twee corners penalty!” riep de langste van de Scheldelaan.
“Hallo! Dat doen we nooit!”
“Dan doen we het nu!”

De sfeer was gezet. Scheldelaan uit, altijd lastig. Zij bepaalde de regels.
“Drie corners, penalty dan?”
“Oké, jullie je zin! Maak niks uit, jullie gaan er aan!”
“In je dromen!”

Voetballende kids, grafisch

Spelplezier

Dit soort wedstrijdjes speelde ik vroeger vaak, straat tegen straat. Op het veldje langs de Schielaan. Het ging er altijd om wie de sterkte was. Je bepaalde je eigen regels. Het was altijd leuk. Je vergat snel hoe laat het was.

“Je bent laat! Het is allang vijf uur geweest.  Heb je papa niet langs voorbij zien komen?”
“Vijf uur geweest? Was het al zo laat?”

Je speelde je eigen idolen. De een was Neeskens, de anderen Cruyff, Krol en Jongbloed. Het was spel, maar wel om het echie. Niets moest, alles kon, als je maar lol had. Je ging op in het spel. Je speelde niet dat je Neeskens was, je was Johan Neeskens. Op de sportvereniging kreeg je een trainer, werden er oefeningen gedaan, werd er een tactiek bepaald, moest je aan allerlei verwachtingen voldoen. Hoewel men nog steeds zei dat het om plezier ging, was winnen toch wel heel belangrijk. Een schaar, zoals Johan dat kon en die op het veldje langs de Scheldelaan vet stoer was, was nu zwaar overdreven. Waar je vroeger de regels bepaalde, zijn er nu anderen die doen. Trainingen zijn soms saai, het is alleen maar herhalen, herhalen, herhalen. Waar je vroeger de tijd soms volledig kon vergeten, zijn er nu trainingen, zijn er wedstrijden waarbij je je om de vijf minuten afvraagt of het nog geen tijd is.

Daar tegenover staan de trainingen, de wedstrijden die leuk zijn, die aantrekkelijk zijn, waar plezier centraal staat en waar de tijd vliegt. Trainingen en wedstrijden waarin je volledig op kan gaan in het spel.

Als je optimaal wil presteren zal je vrij moeten zijn van afleidende gedachtes. Als kind kon je volledig opgaan in het spel, niets of niemand kon je van de wijs brengen. Je deed waar je goed in was, je deed wat je leuk vond. Er was niet zoiets als opgelegde regels, anderen die in jouw spel iets van je wilde. Je ging voetballen omdat jij dat zelf wilde, niet omdat het gepland was. Natuurlijk wilde je winnen, maar bovenal wilde je spelen. De trukendoos stond wagenwijd open en het mocht. Er was niet zoiets als de druk van een ranglijst, het moeten winnen omdat het seizoen anders wel erg moeizaam zou worden. Verliezen was niet leuk, maar het was hanteerbaar. Dan nam je de volgende keer revanche. Dit is wat men beginnersgeest noemt. Wil je optimaal presteren zal je moeten appelleren aan die beginnersgeest. Coachen op beginnersgeest gaat over je richten op de intrinsieke motivatie. Het geeft de vrijheid te laten zien wie je bent, het is het aanwakkeren van de creativiteit.

“Wil je optimaal presteren dan zal je moeten coachen op beleving, op plezier, op spelvreugde,” zei Marco van Basten bij zijn aantreden als bondscoach. Hij liet dit ook als geen ander zien.

 

 

 

Angst

Zo’n 15 jaar geleden, werkte ik als verpleegkundige op een afdeling van een psychiatrische instelling. Ik draaide in die tijd veel nachtdiensten. De nachten verliepen meestal rustig. Een van de bewoners, een oudere man, was geregeld ’s nachts wakker. Het was een angstige man. Als hij last had van de stemmen in zijn hoofd speelde hij gitaar. De versterker ging dan voluit. Dit was overdag nooit een probleem. Als dit ’s nachts gebeurde vaak wel. Een vraag of het geluid wat zachter kon of het verzoek om zijn koptelefoon te gebruiken, kwam niet altijd aan. Doordat ik regelmatig ’s nachts met dit verzoek kwam, was ik op den duur degene die zorgde dat hij zo’n last had van zijn stemmen. Hier moest in zijn ogen iets aan gedaan worden. In de bewuste nacht, hij speelde weer gitaar, de versterker stond voluit. Zijn buurman had hem al gevraagd of het wat zachter kon, waarna hij mij kwam informeren. Bij zijn deur aangekomen, klopte ik aan. Binnen gekomen stond de man naast zijn gitaar. Ik vroeg hem of hij wat zachter gitaar kon spelen of anders zijn koptelefoon kon gebruiken.
“Jij, jij, jij bent de schuld van alles. Jij bent Satan!” schreeuwde hij.
Ik hoorde een klik en in het maanlicht zag ik iets glinsteren in zijn hand. Een mes, flitste er door mijn hoofd.  Ik bedacht mij geen moment, deed twee stappen naar achteren en was bij zijn slaapkamerdeur. Hij kwam niet achter mij aan.
Beneden gekomen, mijn collega geïnformeerd. Ik moest even zitten, even rustig ademen.
“Ik ga terug, ik moet met hem praten.”
Ik beelde mijn in wat ik tegen zou kunnen komen, hoe het contact zou gaan.  Ik was niet bang. Ik wilde niet dat hij bang van mij was. Ik wilde echter ook niet op deze manier bedreigd worden. Het had iets te maken met elkaar willen zien als mens. Het had iets te maken met respect.

Lees de rest van dit bericht

Let toch eens op man!

“Afgelopen zaterdag speelde wij thuis. Wij waren sterker dan de tegenstander. Zeker in de tweede helft. Wij speelde vrijwel de gehele wedstrijd op de helft van de tegenstander. Onze keeper was onze laatste man, hij stond een groot deel van de wedstrijd zo rond de middencirkel mee te voetballen. Toch verloren wij de wedstrijd door een strafschop. Of hij onterecht was? Daar ga ik niet eens de discussie over aan. De scheidsrechter beslist. Natuurlijk floot de scheidsrechter een belabberde wedstrijd. Ik heb sowieso moeite met mensen die zich zelf belangrijker vinden dan het spel. Natuurlijk kon de tegenstander niet voetballen. Gewoon pech, alles zat tegen.”

Deze week is het de week van de scheidsrechter. Ik ben het wel eens met de stelling dat scheidsrechters niet belangrijker moeten zijn dan de wedstrijd. Ik durf zelfs wel de stelling aan te gaan dat de wedstrijden van de jongste jeugd ook prima zonder scheidsrechters gespeeld zouden kunnen worden. Natuurlijk zijn scheidsrechters vrijwilligers en zouden spelers en begeleiders, alleen vanuit dat oogpunt zich veel coulanter, socialer op moeten stellen. Vanuit een ander, prestatiegericht, oogpunt is het niet verstandig om je zo met de scheidsrechter bezig te houden. Het leidt af. Je gaat er niet beter van spelen.

De Duitse sportpsycholoog Hans Ebersprächer bedacht begin jaren 90 de aandachtscirkels. Deze aandachtscirkels zijn een goed hulpmiddel om met concentratie om te gaan.

aandachtscirkel

Spelers die optimaal functioneren zitten in het centrum van dit dartbord. Zij zijn uitsluitend bezig met hun taak, met de uitvoering van hun sport. Zij zijn gefocused en zijn moeilijk af te leiden. Een speler die zich gaat storen aan de scheidsrechter, een discussie gaat voeren met zijn coach, of precies weet wat er langs de lijn gebeurd is niet meer met zijn taak bezig. Ook als je, je vooraf al gaat storen over de ontvangst of de staat van het veld, de hal waar je moet spelen, ben je niet optimaal met je taak bezig en speel je derhalve ook minder goed. Je zit in cirkel 2. Dit wil niet zeggen dat je geen gebruik zou kunnen maken van dergelijke, oncontroleerbare afleidingen. Zo zou je na de toss, er voor kunnen kiezen om de helft te kiezen waardoor de keeper van de tegenpartij vol in de zon moet kijken. Hierdoor zadel te de ander op met een potentiële afleider.

Wellicht kom het je bekend voor; je speelt een wedstrijd en je realiseert je dat het minder goed gaat dan dat jij zou verwachten. Dit gebeurd in cirkel 3. Je bent niet in vorm. Je gaat je bedenken waarom het niet lukt, waarom het niet gaat zoals je gehoopt had. Je focus is minder, je speelt minder goed. In cirkel 4 ben je bezig met het resultaat. Zo kan een spits, volledig in cirkel 1, de laatste man passeren om daarna één op één met de keeper te komen. Op dat moment realiseer jij je dat jij zou kunnen scoren, dat jij daarmee de wedstrijd zou kunnen winnen. Op het moment dat dit gebeurd ga jij in een keer van cirkel 1 naar cirkel 4 en jij zal vrijwel zeker missen. Het scenariodenken slaat toe in cirkel 5. Als wij deze wedstrijd verliezen is degradatie vrijwel zeker óf als wij winnen behalen wij de nacompetitie. Als deze gedachtes de boventoon gaan voeren, ben je ver af van de aandacht voor de uitvoering. Je speelt weer een stukje minder goed. Als jij je, tijdens de wedstrijd gaat afvragen wat jij daar doet, of je niet veel leukere dingen had kunnen doen, zijn we aan beland in cirkel 6. Spelers die zich dit soort vragen stellen willen vaak niets liever dan gewisseld worden.

Spelers kunnen switchen tussen cirkels. Als coach kan je, door je manier van coachen, hier ook debet aan zijn. Als je in cirkel 6 zit, als alles tegenzit, is het lastig om nog terug te komen in cirkel 1. De rust opbrengen om weer taakgericht te denken, zal moeilijk zijn. Door een tussenstap, bijvoorbeeld je te concentreren op zoiets als je ademhaling, je gedachten weer te ordenen, zou dit wel kunnen. Om tot optimale prestaties te komen is het goed je te realiseren in welke fase je zit en wat je zou kunnen doen om weer taakgericht te denken.

Tot slot, bemoei je niet met de scheidsrechter, ook als je vindt dat hij slecht fluit.
Het helpt je om zelf beter te spelen. Echt!

 

 

Wil je meer lezen over concentratie, over focus, lees dan vooral:

Focus, beter presteren door cirkeltraining

YES, we can!

“Hoewel ik toch al weer voor de 6e keer de eindronde van het Nederlands kampioenschap heb gehaald, zie ik er ook nu weer tegenop,” vertelt Wietse.
“In de voorronde en de tussenronde waren wij echt beter dan de andere teams.
Aan een plek bij de beste acht, is ook niets af te dingen. Alleen, al die andere teams, die spelen daar ook niet voor niets. Ook zij hebben hun voorronde en tussenronde winnend weten af te sluiten. Ik ken een paar jongens van de andere teams en die zijn zó goed!!! Sjors zit zelfs bij Jong Oranje. Ik ken Sjors van het volleybalkamp en straks mogen wij tegen zijn team spelen en zijn team is zo ontzettend goed! Weet je, vorig jaar verloren wij ook al van dat team! ”

om-te-veranderen-moet-je-kunnen-verliezen

Lees de rest van dit bericht

PEP Talk

Na een op zich niet zo’n heel dramatisch verlopen seizoen, waarin wij al vroeg wisten dat wij een zwaar seizoen tegemoet zouden zien, wisten wij ons twee weken geleden te plaatsen voor de nacompetitie. Komend weekend spelen wij onze eerste wedstrijd in de nacompetitie. Als alles meezit spelen wij vijf finales. Na een seizoen waarin wij geen enkele keer zijn weggespeeld, waarin wij vaak gewoon goed konden mee voetballen, maar wij toch ook vaak wedstrijden verloren. Wat zou je zeggen, als je in onze positie zou staan?

peptalk

Lees de rest van dit bericht

%d bloggers liken dit: