IJsland

Hoewel IJsland met 2-0 verloor van Nigeria, was de 1-1 tegen de vice wereldkampioen Argentinië natuurlijk prima. Wij zijn natuurlijk het laatste EK niet vergeten en Nederland weet als geen ander wat de kwaliteit van het IJslandse voetbal is. Via mijn volleybalvrienden uit  Reykjavik wist ik al langer hoe het voetbal tegen alles in enorm leeft. IJsland heeft net meer dan 330.000 inwoners en telt slechts 20.000 voetballers. Ons land telt, even als vergelijking 1,2 miljoen voetballers en altijd nog 114.440 volleyballers. Neem daarbij dat het klimaat niet bepaald prettig is voor het beoefenen van een buitensport en je heb een scenario voor een mission impossible. Toch is het succes van IJsland niet iets dat uit de hoge hoed. Michiel de Hoog schreef hier eerder al een geweldig artikel over.

IJsland kampte in de jaren 90 met een hoog alcohol en softdrugs gebruik onder jongeren. De eerste uitkomsten gaven haar behoorlijke buikpijn: bijna de helft van alle 14- en 15-jarigen dronk niet alleen vaak, maar ook veel. Je moet dan denken aan elke maand minimaal één keer dronken. In Europa waren het alleen de Poolse pubers die het nog bonter maakte. Kinderarts, Nico van der Lely zette, recent, in ons land een alcoholpoli voor tieners op.
„Twee keer flink dronken en je IQ daalt tien tot vijftien punten,” aldus Van der Lely.

Dat inzicht was er in de jaren 90 al in IJsland. Inmiddels drinkt een 15 jarige IJslandse puber nog amper en sport hij zo’n 5x per week. Aan de wieg van deze cultuuromslag stond sociologe Inga Dora Gigfusdottir. Haar onderzoek bracht het gigantische probleem aan het licht. Door hierover, vrij informeel, te gaan praten, met politici, leraren, ouders drong het besef dat er werkelijk een probleem was tot steeds meer mensen door. Waar de preventie voorheen uitsluitend bestond uit voorlichting ging men nu een paar stappen verder. Zo kwam er wetgeving, werd er doorlopend gewerkt aan het maatschappelijk bewustzijn maar werden er ook alternatieven geboden. Wij klagen in Nederland nog wel eens over onze stringente wetgeving maar op IJsland ging men nog een stapje verder. Wat dacht je van een verkoopverbod voor tabaksproducten aan jongeren jonger dan 18 en voor alcohol tot 20. Verder kwam er een totaal verbod op tabaks- en alcoholreclame. Verder kwam er een officieuze avondklok voor kinderen onder de 16. Hierop werd niet gehandhaafd, toch bleek deze vrij trouw te worden nageleefd.

Alternatieven

Men had bedacht dat het goed zou zijn als kinderen het gehele jaar door zouden kunnen sporten. Niet alleen in de korte zomerperiode maar ook in de lange, donkere, wintermaanden. In het gehele land werden er overdekte sportcentra’s gerealiseerd. De beste kinderen werden niet apart gezet. De achterliggende gedachte was ook niet om kinderen nu om te vormen tot topsporters. De achterliggende filosofie kwam voort uit het werken aan een gezondere lifestyle en dat ging iedereen aan. De talentvolle kinderen speelde dus samen met de op het eerste gezicht minder talentvolle kinderen. Een ander aspect van het aanbieden van sport was de opvatting dat elk kind recht had op hoog opgeleide trainers.

De IJslandse aanpak werpt zijn vruchten af. Op dit moment kan je zonder veel overdrijving stellen dat IJsland gidsland is als het gaat op drank en drugspreventie onder jongeren. In de slipstream van de positieve resultaten op het gebied van drank- en drugspreventie, leverde dit lifestyleproject nog een ander effect op. IJsland is, met maar heel weinig inwoners en nog minder voetballers al enige tijd in staat om met de beste voetballanden ter wereld mee te doen. Dit zagen wij al op het EK, waar ons land schitterde door afwezigheid, wist IJsland zich ook moeiteloos te plaatsen voor het WK.

 

Wereldkampioen zitten

In een land dat een tabakswet kent als product van een polderoverleg. Een land dat zich niet brand aan het alcohol gebruik van jongeren. Een land waar de alcoholpoli voor tieners een soort oase is in een Sahara van bier en breezers, kan het maar beter hebben over een veilig onderwerp, het zitten. Ons land is wereldkampioen zitten. Kinderen bewegen veel te weinig, zijn kampioen zitten en hun motorische vaardigheden nemen af! Kinderen missen nu de basis van een leven lang met plezier sporten en bewegen. In een petitie kan je aangeven of jij het hier mee eens bent.

Ik wil hier echter wel een groot vraagteken bijzetten. Waarom pakken wij niet direct ook het alcohol en tabaksgebruik nog steviger aan? Waarom zijn er nog steeds zo weinig echte vakleerkrachten in het bewegingsonderwijs en waarom kom ik nog steeds trainers in de zalen en op de velden tegen die zonder enige opleiding onze kinderen motorische vaardigheden aan willen leren?

“Trainer gezocht voor Jo O15-2. Een trainersdiploma niet noodzakelijk.”

Ik vraag mij, tot slot af waarom is het noodzakelijk om met selecties te werken? Waarom moeten wij al op jonge leeftijd gaan kokeren? De ervaringen op IJsland leren ons dat een dergelijk werkwijze leidt tot veel plezier op jongere leeftijd en tot hele goede resultaten op latere leeftijd. Als wij dan toch allemaal achter de petitie om te komen tot een aanpak tegen bewegingsarmoede, laten wij dan eens doorpakken en niet met een halfslachtige polderoplossing komen!

Voor de kerst

“Ik stel voor dat wij beginnen met een rondje langs de velden.”

Zo begon, een aantal jaren geleden, een TC-vergadering. Trainers bij elkaar, een voortgangsoverleg. Een voor een werden de teams doorgenomen. De prestaties van ons B team vielen tegen. Wij hadden maar 1 B team, dus iedereen, talent of niet of je nu kon volleyballen of niet,  je zat in dat team. Het team had veel wedstrijden verloren. Jouke schaamde zich. Hij had de nodige ervaring en zou dit varkentje wel even wassen. Hoewel wij wisten dat het een moeilijk team was, was een 10e plaats wat je noemt een hele slechte seizoensstart. Jouke legde uit dat afgesproken was om iedereen even veel te laten spelen, dus ook Junior. Junior volleybalde nog niet zo heel lang en eerlijk is eerlijk, hij kon er niet veel van. Waar Pim en Tom al een heel aardig jump float beheerste serveerde Junior nog onderhands.

Lees Meer

LTAD

De Gelderlander plaatste op 31 maart j.l. een artikel over het geboortekwartaaleffect. Naast PSV bleek dat ook bij clubs als Vitesse, NEC en De Graafschap het aantal ‘talenten’ geboren in het eerste kwartaal van het jaar wel erg groot was. Het artikel bleek de opmaat tot een groter artikel dat op 1 april geplaatst werd. De timing is opvallend, want jawel, zou dit niet een grote grap zijn? Lees Meer

Als resultaten tellen

In een meer dan lezenswaardig artikel ging Michiel de Hoog in op een van de spannendste experimenten in de geschiedenis van het voetbal. In Denemarken wil de Deense voetbalbond, samen met de Deense profclubs en amateurverenigingen, gezamenlijk proberen het  geboortekwartaaleffect te verslaan. Mocht dat lukken dan is dat echt bijzonder.

Al in de jaren 70 van de vorige eeuw bleek uit onderzoek dat het geboortekwartaaleffect voorkwam in het Nederlandse onderwijs. Er bleken, in het speciaal onderwijs, veel kinderen geboren te zijn in de laatste drie maanden voor de peildatum. Zouden de kinderen, geboren in de maanden juli, augustus en september dan gewoon dommer zijn dan de overige kinderen? Hiervoor bleek geen bewijs. Sterker nog, dit fenomeen bleek ook in Engeland voor te komen. Alleen bleken de ‘domme kinderen’ daar geboren in de maanden juni, juli en augustus. In Engeland bleken het juist de kinderen geboren in september die erg goed scoorde. Dit in tegenstelling tot de Nederlandse situatie waar het juist die kinderen bleken te zijn met de grootste problemen. Voor iemand die goed tussen de regels door kan lezen, de peildatum in Engeland lag één maand eerder, namelijk op 1 september. Ook in de sport bleek er sprake van een geboortekwartaaleffect.

Lees Meer

De 10.000 uur norm

Ergens in de vorige eeuw schreef Marcel Luycks, in het blad Coachen een artikel over talentontwikkeling, met als titel ‘Wat goed is, komt niet snel’. ‘Van de 100 talenten haalt maar tien procent de top’, zo begon het verhaal. Lang gingen sportbonden uit van het adagium ‘Wat goed is komt snel’. Omdat wat goed is, ook snel komt, richten BVO’s zich heden ten dagen ook op steeds jongere kinderen. Je zou maar eens achter het net vissen.

Ik schreef al dat uit recent onderzoek bleek dat slechts een beperkt percentage van de medaillewinnaars bij de Olympisch spelen, óók als kind al talentvol was. Veel kinderen van deze kinderen hadden tijdens hun jeugd ook meerdere sporten beoefend, voordat ze, op latere leeftijd, uitblonken in één sport. Uit Australisch onderzoek bleek dat onder 256 Olympische topsporters slechts 7% als kind ook uitblonk. Maar liefst 84% blonk als kind niet uit, was nooit gescout en had zelden of nooit in het eerste team van een vereniging gespeeld. Kortom, het is onjuist te stellen dat kinderen op jonge leeftijd scouten op de langere termijn de beste spelers aan de top brengt.

Lees Meer