Site-archief

Plannen

“Zou jij komende maandag de training kunnen geven?”
“Uhh, ja maar wat wil jij dat ik ga doen? Wat moet er getraind worden?”
“Simpel. Wij kijken goed wat er zaterdag allemaal mis gaat en dan besteden wij daar maandag aandacht aan.”

Zomaar een anecdote, een gesprek tussen een trainer en zijn stagiaire. Ik denk dat een dergelijke werkwijze veel voorkomt. Korte termijn planning. Je kijkt wat er mis gaat en stuurt direct bij. Het lijkt op roeien waarbij je besluit eerst vier slagen met de rechter roeispaan te roeien om vervolgens vier slagen met de linker roeispaan te roeien omdat je er al varende achter komt dat je niet recht vooruit komt.

Planmatig werken
In mij eerste jaren als trainer vond ik het altijd een uitdaging om te bedenken wat ik nu weer eens zou gaan doen tijdens de trainingen. Een training moest, in mijn ogen voldoen aan twee criteria, mijn spelers moesten wat leren en de training moest leuk zijn. In het verlengde van deze twee eisen waren er natuurlijk een aantal eisen te formuleren die daarvan konden worden afgeleid.  Zo lag in het verlengde van dat leren dat de spelers er iets voor moesten doen, maar dat de doelen wel haalbaar moesten zijn. In het verlengde van dat een training leuk moest zijn, lag natuurlijk ook de uitdaging dat lang leven de lol soms om een wat gespannen voet staat met iets nieuws leren.

Voor mij betekende het werken met doelen dat ik de doelen zelf wilde kunnen controleren. Ik kan een wedstrijd winnen, zelfs met twee vingers in de neus, maar echt dramatisch slecht gespeeld hebben. Ik kan ook een wedstrijd verliezen, compleet van het veld gespeeld zijn maar nog nooit zo’n goede wedstrijd gespeeld hebben. Ik heb, als trainer, het wedstrijdresultaat maar heel beperkt onder controle.

Ik werkte nooit vanuit dat wedstrijdresultaat. Ik vond het fijn om te werken met leerdoelen. Leerdoelen zijn veel beter onder eigen controle te houden dan resultaatdoelen. Leren suggereert een weg met een begin- en een eindpunt, de leerroute. Van onbewust – onbekwaam breng je spelers naar onbewust bekwaam. Een weg overigens die niet lineair, maar echt met vallen en opstaan verloopt. Telkens als je je bewust wordt dat je iets nog niet beheerst, je nog na moeten gaan denken hoe het uitgevoerd moet worden, zal de uitvoering net iets minder goed zijn dan dat je zou wensen.

Werken met een plan betekent dat je gaat beoordelen wat je beginsituatie is. Wat beheersen mijn spelers al wel en wat moeten ze nog kunnen leren? Wat zou ik het team, mijn spelers, in één jaar kunnen leren? Waarmee begin ik, wat volgt daarna? Wanneer stel ik vast dat ze het ook beheersen? Hoe gaat ik ze aanleren wat ik ze wil aanleren? Werken met een plan vraagt het nodige aan  voorbereiding. Je klapt niet zo maar, geheel onvoorbereid, het seizoen binnen en ziet dan wel wat er van komt.

Goed voorbereid kost even tijd
Een weekendje was ik daar wel mee bezig. Het resultaat was dat ik beschreven had wat onze beginsituatie was. Ik had beschreven welke doelen aan het eind van dat jaar bereikt diende te worden, wat mijn spelers zouden moeten kunnen beheersen. Ik had van week tot week, van training tot training beschreven wat er getraind zou gaan worden. De trainingen maakte onderdeel uit van leerlijnen, lesblokken met een kop en een staart. Ik had, zowel voor mezelf, als ook voor het team tussen evaluaties en een eindevaluatie gepland.

Het jaarplan was geen doel op zich. Het was een middel om te komen tot het planmatig verbeteren van de vaardigheden van mijn team, mijn spelers. Het kon gebeuren dat bij een tussenevaluatie bleek dat mijn spelers met een bepaald onderdeel toch langer deden dan dat ik vooraf bedacht had. Geen probleem, dan liep het lesblok langer door en schoof automatisch langer door. Dit zou gevolgen kunnen hebben de te behalen einddoelen, maar dat behoefde niet. Het kon ook gebeuren dat een lesblok minder tijd nam dan gepland, waar de te behalen einddoelen als nog gerealiseerd werden.

Van boven naar beneden
Een belangrijk onderdeel van dat voorbereidingsweekend was het gesprek met het team, met de spelers. In dat gesprek ging het niet over de gewenste resultaten over van wie ze echt moesten winnen. Het ging niet over een eventueel te wensen kampioenschap. Die gesprekken begonnen over waar ze überhaupt op volleybal zaten. Het ging over waarom ze volleybal nu echt leuk vonden en wat ze daarin wellicht ook best moeilijk vonden. Die gesprekken gingen over hoe ze tegen het team aankeken, over welke afspraken wij samen moesten maken. Hoe gaan wij om met het afzeggen voor een training of een wedstrijd. Hoe gaan wij met elkaar kom? Mag je fouten maken en zo ja, hoe vaak? het ging over de missie, de identiteit over de waarden, over onze mindset. Daarna kwam  wat ze nu wilde leren. Je werkt dus van boven naar beneden. Elke bovenliggende fase heeft invloed op de fase daaronder.

 

Spannend

Ik moet bekennen dat ik activiteiten nog wel eens spannend vind. Ik kan soms zeer tegen iets op zien. Zo heb ik zestien keer met een team in de eindronde van een NK gestaan, maar elke keer vond ik het spannend en dan behoefde ik nog niet eens zelf te spelen. Ik was gewoon de coach op de bank, die er voor moest zorgen dat mijn spelers een leuke dag hadden en weer een stapje verder kwamen in hun ontwikkeling. Ik hield mij zelf voor dat ik niet bezig was voor eigen succes. Ik wilde spelers opleiden voor het eerste team of als het even kon nog hoger. Waar maakte ik mij druk om?

Mijn rijexamen? Ik zag er als een berg tegenop. Het ging ook meerdere keren niet goed. Over rij ervaring geen gebrek. Het behoefde, in mijn ogen, ook maar een keer verkeerd gaan en ik kon de moed al opgeven.  Ook later, op mijn werk. Als ik een voorlichting moest verzorgen voor nieuwe medewerkers, dan wilde ik graag van te voren weten hoeveel mensen in de zaal zouden zitten. Op de dag zelf wilde ik, voor aanvang, toch even door het raampje, de zaal in kijken om te zien dat de hele zaal ook echt helemaal vol zat. Als ik echter eenmaal voor de groep stond, ging het prima. Dan was ik die makkelijke spreker die wel een verhaal over de bühne wist te brengen. Het viel uiteindelijk reuze mee en eerlijk gezegd was het gewoon leuk.

Ik zat wel eens af te vragen wat het ergste was dat wij zou kunnen overkomen, als ik weer eens iets spannend vond. Om daarna tot de conclusie te komen dat, dat nog wel mee zou vallen. Als ik dan eenmaal voor die zaal stond, of als die finaleronde eenmaal aan de gang was, dan viel het allemaal reuze mee. Op een of andere manier had ik die spanning nodig. Ik wilde goed voorbereid zijn. Ik wilde zeker weten dat ik alles in de vingers had, onder controle misschien ook wel. Je zou het perfectionistisch kunnen noemen.

Lees de rest van dit bericht

Een team van individuen

Enkele weken geleden stond ik, min of meer toevallig, langs de lijn van een lager spelend jeugdteam. Het was een gelijk opgaande wedstrijd. Er ging nog veel niet goed. Aan de inzet lag het niet, die was, zeker gezien de weersomstandigheden goed te noemen. De jongens knokte er hard voor. Je ziet het natuurlijk bij elk team, maar mij viel op dat het niveauverschil tussen de verschillende spelers toch wel aanzienlijk was. Waar de ene speler een aangespeelde bal maar moeilijk onder controle kon krijgen, passeerde een ander, de ene na de andere tegenstander, waarbij de bal als een soort magneet aan zijn voet leek te kleven. Je kent dat wel, een soort Messi maar dan niveautje 4e klasse. Hoewel al deze jongens echt maar 1x per week trainde en ook echt dezelfde trainer hadden, dezelfde assistent-trainer leek de een meer ervaren, balvaardiger, technisch begaafder dan de ander. Lees de rest van dit bericht

Stap voor Stap

De mannen van Sliedrecht Sport promoveerde gisteren naar de eredivisie en dat mag nieuws genoemd worden. In het seizoen 2015-2016 moest de ploeg nog keihard knokken om niet uit de Topdivisie te degraderen. Nu, twee jaar later promoveert een vrijwel identieke ploeg naar de eredivisie. In een interview bij Langs de Lijn liet trainer Paul van de Ven het licht schijnen over deze ommekeer. Bijzonder aan zijn verhaal was dat hij niet zei dat zij destijds vol voor de promotie gingen. Nee, vanaf het moment van het ontlopen van de degradatie werkte zij met z’n allen, stap voor stap aan het naar beneden brengen van de foutenlast. De focus lag dus niet op het resultaat maar op de uitvoering. Dat naar beneden brengen van die foutenlast heeft nu dus geleid tot de promotie naar de eredivisie. Lees de rest van dit bericht

De ouderavond

Het grote nadeel van jeugdige leden is dat er ook nog een ouders achteraan komen. Ouders zijn moeilijk, zijn lastig en hebben een vrij verwrongen beeld van het geen het eigen kind kan. Als het even kan liever geen ouders langs het veld of in de zaal tijdens de training en bij de wedstrijden liefst één veld verder of anders in het clubhuis.

Ouders zijn in het tijdsbeeld waarin wij leven een soort onmensen geworden. Toch is dit je achterban. Een achterban die je met de steeds maar teruglopende vrijwilligers aantallen ook nog eens hard nodig heb. Zijn ouders dan ook altijd lastig, moeilijk en ingewikkeld of ligt hieraan iets anders ten grondslag? Laat ik met deur in huis vallen, ja sommige ouders zijn lastig. Sommige ouders hebben inderdaad een wat te romantisch beeld van de verrichtingen van hun zoon. Er zijn ook ouders voor wie keiharde prestatie centraal staat en dat mag zoon of dochter ook weten. Een wedstrijd verloren betekent direct slecht gespeeld.
Lees de rest van dit bericht

%d bloggers liken dit: