Site-archief

Herinneringen

Ik kwam laatst, gewoon in de stad, een oud collega tegen. Hij was, samen met zijn dochter, aan het winkelen. Hoewel mijn oud collega inmiddels de pensioengerechtigde leeftijd ruim gepasseerd was, herkende wij elkaar direct.
“Ha Bert, lang niet gezien zeg! Hoe gaat het met je?  Zijn dochter keek hem vragend aan.
“Jij kent ook iedereen!” zei ze.
“Haar vader schoot in de lach.
“Maar jij kent Bert ook hoor, even goed kijken, even heel diep nadenken!”
Het kwartje viel.
“Oooh ja, volleybal, de trainer van de liter ijs voor de winnaar van ‘de tafel van 10’ aan het eind van het seizoen!”
“Jeetje, Debbie, dat je dat nog weet!”
“Whahahaha, dat jij mij naam nog weet!”
“Ja wat wil je, ik ben niet heel vaak leuke trainers tegengekomen die ook nog heel aardig konden training geven.”

Lees de rest van dit bericht

Advertenties

Achtergrond

Ik kom uit een relatief groot gezin. Op de lagere school wilde graag bioloog worden. Na de middelbare school was alles anders. Ik  deed veel aan sport. Voornamelijk volleybal, maar liep ook bijna elk weekend een cross, in Arnhem, Deventer, Zwolle, de Sonsbeekcross, rondom Bussloo, de Daventria Cross. Overal waar maar wat georganiseerd werd wilde ik mee doen. In mijn vrije tijd voetbalde, maar ook honkbalde wij ook op het grasveldje bij de school. Thuis werd menig tafeltennis wedstrijd gespeeld. Mijn vader verslaan, dat was een uitdaging. Na de middelbare school wilde ik niets liever dan iets te gaan doen in de sport. Hier staken mijn ouders, na nauw overleg met de schooldecaan, een stokje voor. Een CIOS papiertje leverde geen baanzekerheid. Het werd MTS electro. Een geweldig leuke school, alleen voelde ik mij niet echt thuis. Wat interesseerde het mij dat iemand zijn brommer weer eens hand opgevoerd of een TV uit elkaar had gehaald en weer in elkaar had gezet zonder een buis over  te houden? Wie er nu het weekend in de eredivisie had gewonnen, dat interesseerde mijn klasgenoten helemaal niets. Een mismatch zeg maar. Uiteindelijk werd het de Sociale Academie, richting Cultureel Werk. In die tijd echt een geitenwollen sokken opleiding. Wiet in de kantine zeg maar. Ook dat bleek het niet helemaal, maar wat mij in die opleiding wel mateloos boeide was het groepsgericht werken. Hoe verloopt het proces in de groep? Hoe krijg je mensen mee? Hoe realiseer je eigenaarschap? Vooral dat laatste. Ik merkte dat zelf verantwoordelijk zijn voor je eigen proces, voor de dingen die je doet, enorm motiverend werkte. Aan de andere kant was, zeker op mijn leeftijd, enige sturing wel fijn. Samen leren, samen werken. Dit is mijn achtergrond. Dit is wat ik mee neem.

Elke trainer, elke speler, neemt een bepaalde bagage mee. Niemand staat volledig blanco voor de groep en voor elke trainer, elke speler, geldt dat zijn manier om met bepaalde zaken om te gaan mede bepaald wordt door zijn ervaring, zijn achtergrond. Dat Samen werken, samen leren was dus ook prima toepasbaar bij mijn volleybalteams.

Lees de rest van dit bericht

Lanterfanteren

Het onderzoek van de KNVB blijkt ook onderwerp van gesprek langs de lijn. In mijn laatste blog schreef ik al over de weerstand die bij sommige trainers zit. Er moet en zal toch ergens geselecteerd worden. Dat wij afstappen van het selecteren bij O9 was prima maar bij O10, waarom niet? Er bleek nog een wereld te winnen.

Ook ouders van kinderen uit selectieteams blijken kanttekeningen te plaatsen bij de mogelijkheid dat elk kind misschien wel talent zou kunnen hebben. Zo sprak ik afgelopen weekend een moeder die van mening was dat het plan van de KNVB geen rekening houdt met inzet.
“Je hebt fanatieke sporters en gezelligheidssporters, zonder daar een oordeel over te willen vellen overigens. Maar de sportbeleving, en dus ook het spelplezier, is bij deze groepen erg verschillend.”

Lees de rest van dit bericht

Huilen op een bankje

De sportvereniging was voor mij de place to be. Hier waren mijn vrienden, hier kon je zijn wie je was. Het was gezellig, samen sporten, samen ook resultaten neer zetten, was geweldig. Mensen met een zelfde doel, een zelfde hobby. Niet dat ik niet wist dat de wereld er ook gewoon heel anders uit kon zien, minder leuk, minder gezellig, bedreigend soms. Dat was mijn middelbare school. Achtervolgd worden op weg naar huis. jongens die je schooltas van je bagagedrager trappen en dan wachten totdat ik mijn tas weer achter op de fiets had, om ‘m er daarna net zo hard weer vanaf te trappen. Een klas binnenlopen en dan zien dat ‘Bert is een homo!’ op het schoolbord geschreven is. Een hond die op je afgestuurd wordt als je door het park naar huis loopt als je fiets kapot is. Dat was mijn middelbare schoolervaring en waarom? Ik had geen idee.

De sportvereniging was veilige plek, hier hoefde ik niet bang te zijn. Hier hoefde ik niet te wachten tot iedereen weg was om dan via een omweg naar huis te fietsen. Ik kon mij werkelijk niet voorstellen dat het ook anders kon zijn. Tot die bewuste avond. Lees de rest van dit bericht

Risicoscheidsrechters

Scheidsrechter zijn valt niet mee. Je moet een dikke huid hebben, stevig in je schoenen staan en in staat zijn om alles wat je over je heen krijgt of niet gehoord te hebben of in staat zijn om de bagger het ene oor in en het andere oor uit te laten gaan, zonder dat het tijd krijgt om zich ergens je brein te nestelen. Ziet u de ideale scheidsrechter voor u? Ze zijn zeldzaam.

In een recent sociologisch onderzoek naar het ontstaan van incidenten in het amateurvoetbal kwam naar voren dat incidenten veelal ontstaan in interactie met de scheidsrechter. Op zich een open deur, want het niet eens zijn met de beslissing van de scheidsrechter, zou een directe aanleiding kunnen zijn tot het ontstaan van een incident. Een incident escaleert op het moment dat meerdere spelers zich er mee gaan bemoeien.. Hoe goed bedoeld ook, bemoei je er niet mee, is eigenlijk de boodschap. Hoewel niet dusdanig genoemd behoef je weinig fantasie te hebben om te concluderen dat een situatie ook kan escaleren als het publiek zich er nadrukkelijk mee gaan bemoeien. Een combinatie van zeer betrokken medespelers en gevoelig publiek is het recept voor een conflict dat nog maar moeilijk te managen is.

De KNVB hamert vooral op het respect. Dit is de Pavlov die je vaker hoort als het gaat om geweld tegen mensen in een uniform. Kleren maken de man, zeg maar. De scheidsrechter is er voor ons allemaal en daar dien je respect voor te hebben. Balkenende zei, al fatsoen moet je doen. Respect is een werkwoord. Hier is natuurlijk geen spelt tussen te krijgen. Het gaat echter voorbij aan één ding en dat is gedrag. Respect gaat niet over wat iemand aan heeft. Respect gaat over hoe iemand zich gedraagt.

Toen ik, eind jaren 80 van de vorige eeuw, nog als leerling verpleegkundige op een afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis werkte, viel mij al op dat er collega’s waren die wel erg vaak agressie incidenten meemaakte. Pech zou je zeggen. Dit was soms het geval, regelmatig kwam ook de term ‘bejegening’ naar voren. Leary zei het al, iedere actie roept een reactie op en daaruit ontstaan niet zelden patronen.

 

Boven gedrag roept onder gedrag op. Een assertief gedrag roept opstandig gedrag op. Mijn oud collega die straks op de structuur zat kon er gif ik innemen dat ze om de zoveel tijd tegen een agressie incident opliep. Structuur was een middel, geen doel op zich, zei wel eens iemand. Het ging over het gedrag dat agressie opriep.

Als je dit nu eens vertaalt naar het voetbalveld, dan zou je kunnen stellen dat leidend gedrag afwachtend gedrag zal oproepen. Een assertieve speler kan bij een iets minder leidende scheidsrechter opstandig gedrag kunnen oproepen. “Wie denk jij wel dat je bent, hier alvast een gele prent” Voor een scheidsrechter lijkt het mij belangrijk dat hij of zij zich realiseert dat elke actie een reactie oproept en dat je, als je dat lopende een wedstrijd niet door hebt, je zo maar de wedstrijd kan laten escaleren. Toen ik de docentenopleiding deed bij de Academie voor Sportkader, waaraan ook docenten deelnamen die zouden uitstromen richting de cursussen voor scheidsrechters, hoorde ik  dat het nog niet eens veel uitmaakt wat de scheidsrechters nu wel of niet affluit maar dat hij daar maar wel een lijn aanhoudt. Dit zal kloppen, maar ik zou wensen dat een scheidsrechter begrijpt dat respect niet afgedwongen wordt door het uniform, maar door de mate waarin hij snapt dat bij sport emotie hoort en dat structuur een middel is en geen doel op zich. Ook een voetbalwedstrijd is een proces en bestaat niet louter uit de regels van het spel. Voor je het weet bemoeit iedereen zich er mee en loopt de wedstrijd volledig uit de klauwen.

 

 

%d bloggers liken dit: