Site-archief

De sleepnetmethode

Laatst kreeg een verhaal te horen dat een plaatselijke vereniging langs de lijn ouders had benaderd met de vraag of hun kind niet bij hun vereniging wilde spelen. Nu is ronselen geen nieuw woord in de Van Dale, dus helemaal nieuw is dit gedrag ook niet. Wat voor mij wel nieuw was, was de leeftijd van de kinderen. Het betroffen kinderen jonger dan 6 jaar. Kinderen die dus net op de kleuterschool zaten. Vroeger, ik ben al op leeftijd, mochten kinderen pas een sport kiezen nadat zij hun zwemdiploma’s hadden behaald. Deze kinderen worden al benaderd door clubs op het moment dat ze net kunnen watertrappelen.

Lees de rest van dit bericht

Zwemles

Halverwege de jaren 80 van de vorige eeuw trainde de teams van mijn volleybalvereniging verspreid door de stad, in verschillende gymzalen. De jeugdspelers moesten soms even een stukje fietsen naar de training. Soms ook op maandag naar de ene gymzaal en dan op woensdag naar een ander halletje. Hoewel zij allen lid waren van de zelfde vereniging moest de club echt wat doen aan binding binnen de vereniging. Het kon maar zo gebeuren dat een speler uit de C1 totaal geen idee had wie er nu in de C3 zaten. Voor startende trainers was het ook nog wel een dingetje. Je stond er toch vaak alleen voor, want hoe moet je nu de ondersteuning organiseren als je, verspreid over de week, verspreid door de hele stad, zo her en der, nog relatief onervaren trainers hebben rondlopen. Trainers die niet op afroep tegen een probleem aanlopen. Het was in die tijd enorm zoeken. Voor mij, als startende trainer, was het contact met de ervaren trainster die met haar team. ná mij, trainde van cruciaal belang. Na afloop van mijn eigen training, aan het begin van haar training, even een collegiale consultatie.

Hoe gaat ‘t?
Waar ben je mee bezig?
Hoe kijk jij daar naar?

Lees de rest van dit bericht

De Zondebok

In teams waarin gepest wordt, kan het voorkomen dat het slachtoffer afhaakt, stopt met zijn of haar sport, zonder dat het onderliggende probleem daadwerkelijk is opgelost. Dit is als een zwerende wond, die hoe langer je deze niet behandeld, meer pijn gaat doen, meer gaat ontsteken.

Een groep waarin gepest wordt, waarin iemand structureel als zondebok gezien wordt, zal gaan leren dat het kennelijk loont  om iemand buiten te sluiten. Het wordt normaal om iemand die je, zo op het oog niet nodig hebt, te kleineren, buiten te sluiten, aan de kans te zetten. Want vroeg of laat haakt die af, probleem opgelost.
Er ontstaat echter een patroon in gedragingen, er ontstaat een groepscultuur. Deze groepscultuur is onveilig. Zelfs als de vereniging besluit om de pester naar een ander team over te plaatsen, omdat de dader nu eenmaal goed is in zijn of haar sport, zal er iemand op staan die deze rol overneemt. Als het slachtoffer afhaakt omdat hij of zij er niet langer tegen kan, zal er niets veranderd. Er wordt een nieuw slachtoffer gezocht. Er wordt namelijk niets gedaan aan het onderliggende probleem, aan de wijze waarop de groep samenwerkt.  Het slachtoffer, heeft geleerd dat groepen onveilig kunnen zijn, dat je buiten gesloten kan worden en zal een volgende keer zijn of haar gedrag daarop aanpassen. Wat de kans vergroot dat gedrag zich herhaald. De dader heeft geleerd dat gedrag loont en de kans dat dit gedrag in een volgende setting zich herhaald is aanwezig. Onveilig gedrag dat in een groep begint kan zich, als er niet wordt ingegrepen, over de gehele vereniging verspreiden. Lees de rest van dit bericht

Paradigma

Als aanvulling op mijn studie Hogere Veiligheidskunde, lees ik op dit moment de bestseller ‘De zeven eigenschappen van effectief leiderschap’. Een aanrader. Het boek is een aanschakeling van mooie anekdotes die de theorie verhelderen, maar die ook tot nadenken zetten. Wij kijken allemaal vanuit ons eigen referentiekader, door onze eigen bril, naar situaties.

Een aantal oorlogsschepen die voor een oefening deel uitmaakten van een eskader waren op zee bezig met manoeuvres in zwaar weer. Het was een nacht zonder maan en een dichte mist belemmerde het zicht. De kapitein van het schip dat het eskader aanvoerde stond daarom enigszins gespannen op de brug van zijn stampende schip en hield alle scheepsbewegingen goed in de gaten.
Na enige tijd meldde een wacht; “Licht aan stuurboord”.
“Recht of niet?”, vroeg de kapitein.
“Recht kapitein, met gevaar voor aanvaring”.
De kapitein riep tegen de seiner; “” Sein; aanvaring dreigt, verander uw koers 20 graden”.
Aldus geschiedde.
Er werd terug geseind; “”Advies aan u, verander uw koers met 20 graden”.
De kapitein nijdig; “Sein terug; ik ben kapitein, verander uw koers 20 graden“
“Ik ben stuurman 2e klas, was het antwoord, verander uw koers 20 graden”.
De kapitein werd woedend en schreeuwde rood aangelopen; “Sein; dit is een oorlogsschip, ik beveel u uw koers 20 graden te wijzigen !”.
Daarop kwam het signaal; “ Dit is een vuurtoren”.

En het oorlogsschip veranderde van koers.

Bovenstaande verhaal is even hilarisch als schokkend. Ik moest ook direct aan legio andere voorbeelden denken. Situaties waarbij, vanuit mijn eigen referentiekader, kijkend door mijn eigen bril, handelde en daardoor de plank volledig missloeg. Hoe vaak heb ik geen training gegeven aan een groep, waarbij ik dacht, dat een bepaalde speler totaal niet gemotiveerd was. Op basis van mijn eigen beeld van gemotiveerd aan een training deelnemen, beoordeelde ik de speler. In het geheel niet wetend wat daar achter zat. Of de speler wel of niet gemotiveerd was en wat de achtergrond van zijn handelen tijdens die bewuste training was. Zo trainde ik ooit een jochie van 11 jaar oud. Al bij de allereerste training duwde hij een ander kind voor het oog van alle aanwezigen bewust tegen de muur. Hij maakte vaak ruzie, maar ook altijd zodat iedereen het kon zien. Het was klip en klaar wat er gebeurde. Ik kon ook niet anders dan hem daar op aanspreken. Ik was niet zo’n trainer die spelers wegstuurde. Hij mocht, na een dergelijk incident, op de bank gaan zitten, waarna ik hem na enige tijd dan vroeg of hij weer normaal mee kon doen. Meestal ging het daarna goed. Een etterbakje met een dikke gebruiksaanwijzing. Het was enkele weken na onze eerste kennismaking stond hij plots, op een vrijdagavond met zijn vader bij mij thuis voor de deur. Nadat ik de deur open had gedaan en zijn vader zich had voorgesteld, vertelde hij dat zijn zoontje zijn excuses wilde maken. Dit ritueel herhaalde zich de maanden daarna, elke twee weken. Dit ritme intrigeerde mij. Een gesprek met het jochie leerde mij dat zijn vader militair was en veel in het buitenland verbleef. Hij was niet het enigste kind thuis. Het gezin telde naast hem uit nog vijf kinderen. Waar vader veelal in het buitenland verbleef, runde moeder het huishouden. Elke vrijdag, als vader thuis kwam, moest hij met zijn vader mee om zijn excuses aan mij aan te bieden. Waar ik het jochie voor die tijd als een etterbakkie zag, zag ik hem plots anders. Ga er maar aan staan. Je bent het oudste kind uit een groot gezin. Je vader is er vaak niet en als hij er al wel is, moet je met ‘m bij je trainer langs om je excuses aan te bieden. Hoewel ook ik was opgegroeid in een groot gezin, was dit was een plaatje dat ik niet kende. Mijn paradigma verschoof. Ik moest, kon ook plots, op een andere manier kijken.

Een paradigma is samenhangend geheel van opvattingen, overtuigingen, theorieën, religie, bewijzen en modellen die het vigerende antwoord op een bepaalde vraag geven. Paradigma kan worden gezien als het dominante denkbeeld op een bepaald moment. Naarmate een paradigma langer bestaat wordt het als (enige) waarheid gezien en bestaat er consensus. Wij hebben allemaal te maken met paradigma’s, omdat wij op een bepaalde manier zijn opgevoed. Op een bepaalde manier ervaringen hebben opgedaan. Het woord paradigma is afgeleid van het Griekse ‘paradeigma’, wat staat voor voorbeeld of patroon. Ik ben opgegroeid in een groot gezin. Dit heeft mede bepaald wie ik nu ben. Hoe ik nu kijk en denk. Ik ben ook groot gebracht met het principe dat sport vooral ook leuk moest zijn. Dat het ook ander kon en ook anders was, dat had ik niet direct door. Een paradigma verander je ook niet eenvoudig. Belangrijker is misschien dat dat wij ons allemaal realiseren dat de bril waar wij door heen kijken ook maar één bril is. Onze waarheid is niet dé waarheid. Vandaar uit kunnen wij proberen om ook vanuit andere invalhoeken naar situaties te kijken.

fb117adafbd551434bcce082360e688f-licht-vuurtoren-eierland-texel-versus-licht-van-de-maan

Kruisbestuiving

Beste sporttrainers uit Apeldoorn en omstreken,

Afgelopen weekend ging het zowel bij Studio Voetbal, als ook bij Rondo als ook bij VI maar amper over de wedstrijden van het afgelopen weekend. Het ging vrijwel alleen over de aanstelling van Peter Blange als prestatie en innovatiemanager bij de KNVB. De reacties logen er niet om.

“Kon de KNVB niet naar de buren kijken? In Duitsland gebeurd van alles.”
“Waarom moet er iemand van buiten het voetbal gehaald worden?”
“Ik wil dat helemaal niet horen van een volleyballer!” aldus Wim Kieft.

De toon was gezet. Bij Studio Voetbal durfde Hans van Breukelen, de man achter dit ‘wereldvreemde’ plan het nog wel uit te leggen. Hij kwam hier echter, mede door de wijze waarop Tom Egberts het gesprek leidde, niet helemaal uit.

Nu staat de voetbalwereld bekend als een vrij conservatieve wereld maar de agressiviteit waarmee deze aanstelling bekritiseerd werd doet bijna vermoeden dat men in het geheel niet wil veranderen, dat er werkelijk niets mis is met het voetbal in Nederland, dat het ook volstrekt niet nodig is om volgende stappen te zetten.
“Ze dronken een glas, deden een plas en alles bleef zoals het was.”

Veranderen valt niet mee. Veranderen betekent los laten, iets nieuws proberen. Veranderen gaat niet van zelf, want wat wil je veranderen? Wat moet anders en waarom moet het anders? Was het dan verkeerd wat wij al jaren deden?

Veranderingsprocessen stagneren niet zelden omdat men bij het zoeken naar oplossingen in cirkels rond blijft draaien. Suggesties toe verbetering, tot veranderen worden op voorhand al afgewezen omdat men van mening is dat een dergelijke werkwijze niet werkt of omdat men dit al eens eerder heeft geprobeerd.

Veranderen van binnenuit loopt vaak stuk omdat niemand het voortouw neemt, objectief naar de situatie kan kijken. Ik denk dat ik in ieder geval veel kan leren, van andere trainers, uit andere sporten. Ik ben enorm nieuwsgierig naar de wijze waarop anderen training geven, hoe andere een wedstrijd coachen. Ik denk dat wij van elkaar kunnen leren om zo ons zelf en onze sport verder te brengen. Natuurlijk hebben wij hier landelijk een organisatie als NL Coach voor!  Ik zou het echter super vinden als wij, in Apeldoorn, dus dicht bij huis, sportoverstijgend, trainers-coaches bij elkaar zouden weten te brengen om zo te komen tot een onderlinge uitwisseling van kennis en ideeën. Over de vorm kunnen wij later verdere invulling aangeven.

Wie zou hier met mij nader van gedachte willen wisselen?

bestuiving

 

 

%d bloggers liken dit: